10 verhalen uit het ABC van de Tour de France: #9 - Sainte-Marie-de-Campan

Praat mee!

© Getty Images

In mei van dit jaar verscheen het boek het ABC van de Tour de France van Bicycling-auteur Roy Schriemer bij uitgeverij Edicola.nl. We publiceren een selectie van deze verhalen op de website, nu de Tour-koorts toeneemt. Een voorproefje, voor wie niet genoeg krijgt van de truien, de bergen, de hoofdrolspelers en alle randzaken uit de historie van de bekendste wielerwedstrijd ter wereld. In deze editie: Sainte-Marie-de-Campan.

>>> Winactie! Lezers van Bicycling.nl kunnen het boek winnen: laat hier weten wat jouw favorieten Tourmoment was en waarom jij de allergrootste Tourfan bent. De 10 leukste antwoorden winnen een boek.

Tussen de Aspin en Tourmalet

Veel Tourrenners zullen er al eens zijn gepasseerd want Sainte-Marie-de-Campan is een dorp in de Pyreneeën waar je al snel langs komt van de Col d'Aspin naar de Col du Tourmalet of vice versa. Toch zullen er maar weinig coureurs daar zelf aan de slag zijn gegaan om hun materiaal te herstellen zoals Parijzenaar Eugene Christophe deed in de Tour de France van 1913. Hij repareerde in een plaatselijke smidse eigenhandig zijn voorvork en achtervork van zijn fiets. Om dat bijzondere moment te herdenken is er bij de kerk een plein naar Christophe genoemd. Daar is ook een standbeeld van de renner te vinden waarbij de Fransman een vork in de lucht stekt. Ook is er in het verleden in een expositieruimte aandacht besteed aan dit bijzondere moment, waarbij attributen als de fiets en het aambeeld waarheidsgetrouw werden nagemaakt.

Christophe

Christophe trok in de aanval in de Pyreneeënrit die op het programma stond die dag. De Col du Tourmalet beklom hij in het aardedonker, in die tijd kon men dag en nacht doorrijden en zelf pauzemomenten bepalen. Op twee kilometer van de top reed hij in een kuil, dat was het moment dat zowel zijn voor- als achtervork afbrak. In de tijd was er geen ploegleiderswagen present met een mechanieker die je binnen no time met een nieuwe fiets en een extra zet weer op weg hielp. En ook geen neutrale materiaalmotor of -wagen van Shimano. Renners waren op zichzelf aangewezen. Een klein kwartier liep Christophe naar het dorpje Sainte-Marie-de Campan. Daar vond hij de bewuste smidse en moest hij - met aanwijzingen van de smid - zelf zijn fiets repareren, zoals de reglementen van de Tour destijds voorschreven. Zelfredzaamheid hoorde erbij. Omdat het onmogelijk was om zelf  te lassen en tegelijktijdig ook de blaasbalg te bedienen, hielp de smidsjongen hem daarmee. Het leverde Christophe drie minuten extra straf op. Toen hij na vier uur ploeteren gereed was, was zijn gerieflijke voorsprong in een onoverbrugbare achterstand veranderd. De kans is groot dat hij zonder dit incident voor de Tourzege van dat jaar  had meegedaan. Toch zou het incident zowel hem als het dorp een plek in de wielergeschiedenis geven.  Het verhaal blijft ook ruim een eeuw later tot de verbeelding spreken omdat de Tour de France in die eerste jaren echt een pionierservaring moet zijn geweest voor de renners. Door het gebrek aan radio en televisie werden de verhalen bovendien kleurrijk opgeschreven.

Hij mag dan dit boek halen vanwege een flinke portie pech, we moeten niet vergeten dat we daarmee deze coureur wel enigszins te kort doen. Deze Fransman won ook drie etappes in de Tour de France van 1912, bracht hij in 1920 Parijs-Tours op zijn naam, won in 1910 Milaan San Remo en ook werd hij ook verschillende keren winnaar van het Frans kampioenschap cyclo-cross. Hij was kortom van alle markten thuis. In 1912 (tweede) en 1919 (derde) stond hij bovendien op het podium van de Tour de France. Die zege van 1913 had zijn loopbaan echter wel afgemaakt…

Video