Aero banden: bestaan ze, en maken ze je echt sneller?
Unsplash

Aero banden klinken als een tegenstrijdigheid: een band is toch gewoon rond? Toch investeren merken als Continental, Vittoria en Zipp inmiddels net zoveel windtunneluren in hun buitenbanden als in hun frames. De centrale vraag die we dit keer uitzoeken: bestaan aero banden echt, en hoe krijg je een rond rubberen ding aerodynamisch profiel? We doken in het beschikbare onderzoek en leggen uit wat het voor de gewone wielrenner betekent.
Wil je op de hoogte blijven van het belangrijkste fietsnieuws? Schrijf je dan hier in voor onze wekelijkse nieuwsbrief met maandagochtend om 09.00 de top 5 artikelen. Abonneren op Bicycling magazine of losse nummers kopen doe je in onze shop!
Wat zijn aero banden precies?
Aero banden zijn buitenbanden die niet alleen ontworpen zijn op grip en rolweerstand, maar ook op luchtweerstand. Dat klinkt logisch voor een frame of een aerobike, maar bij een band ligt het net iets subtieler: niet de band zelf hoeft zo aerodynamisch mogelijk te zijn, maar de band-velgcombinatie als geheel.
Dat onderscheid is precies waarom de discussie zo lang onderbelicht bleef. Fabrikanten optimaliseerden decennialang vooral het wiel: dieptes, spaakvormen, naafvormen. De band werd behandeld als een min of meer neutraal onderdeel. Sinds een paar jaar weten we dat dat een gemiste kans was, ook voor renners die niet met 45 km/uur door een tijdrit denderen. Zoals we eerder al schreven, wordt luchtweerstand namelijk al vanaf relatief bescheiden snelheden de grootste tegenstander op een vlakke weg, ruim voordat de meeste amateurs denken dat het ertoe doet.
Hoe kan een band eigenlijk aerodynamisch zijn?
Een band raakt de lucht op drie manieren: via zijn breedte, zijn profielvorm (rond bol of juist licht hoekig) en de manier waarop hij overloopt in de velgflank. Dat laatste blijkt verreweg het belangrijkst.
Onderzoekers van Silca beschrijven de vuistregel dat een velg minstens ongeveer 105 procent van de bandbreedte moet zijn om de luchtstroom soepel langs het wiel te leiden. Is de band breder dan de velg, dan ontstaat er een abrupte overgang waar lucht loslaat en extra weerstand (drag) ontstaat. Datzelfde onderzoek laat zien dat drukverschillen van 7 naar 8 bar op een 25c-band tussen de 1 en 9 watt kunnen schelen bij een zijwindhoek van 10 tot 20 graden, puur door hoe de band daardoor van vorm verandert (Silca, Part 5: Tire Pressure and Aerodynamics).
Een peer-reviewed studie in het Journal of Wind Engineering and Industrial Aerodynamics bevestigt dat het effect niet alleen marketingpraat is: de bandkeuze verandert meetbaar de aerodynamische eigenschappen van een gegierd (scheef aangestroomd) wiel, los van het velgontwerp zelf (ScienceDirect, Tire dependence for the aerodynamics of yawed bicycle wheels). Met andere woorden: dezelfde velg kan met de ene band merkbaar meer weerstand geven dan met de andere.
Wat zegt het onderzoek: hoeveel watt scheelt een aero band?
De duidelijkste illustratie kwam onlangs van Continental, dat samen met DT Swiss en Swiss Side de nieuwe Aero 111-band ontwikkelde en testte in de windtunnel van Swiss Side. Continental claimt dat de Aero 111 bij 30 km/uur en een windhoek van 10 tot 20 graden tot ongeveer 6 watt sneller is dan de eigen GP5000 S TR. Bij 45 km/uur en 15 tot 20 graden windhoek loopt dat voordeel op tot circa 18 watt (BikeRadar, The Aero 111 front tyre is Continental's most aero yet).
Belangrijke kanttekening, en die maken we hier expliciet: dit zijn cijfers uit fabrikantengestuurd onderzoek, niet uit een onafhankelijke test. Swiss Side bevestigt weliswaar dat de grafieken samengestelde resultaten van meerdere metingen tonen, maar exacte ruwe data is niet gepubliceerd. Vergelijk het met een fabrieksopgave van een auto: waarschijnlijk in de juiste orde van grootte, maar net iets rooskleuriger dan wat jij op een winderige zondagochtend zult merken. Andere merken als Vittoria, Schwalbe, ENVE, Cadex en Pirelli werken inmiddels aan vergelijkbare aero-geoptimaliseerde banden, wat er wel op wijst dat de sector het effect serieus genoeg vindt om er onderzoeksbudget in te steken.
Aero banden vs brede banden: bijten die elkaar niet?
Hier wordt het interessant, want de trend van de afgelopen tien jaar ging juist de andere kant op: steeds bredere banden, van 23 naar 25, 28 en inmiddels regelmatig 30 tot 32 millimeter, vooral omdat bredere banden bij gelijke druk minder rolweerstand geven en comfortabeler zijn. We zochten eerder al uit welke breedte van racebanden nu daadwerkelijk het snelst is, en het antwoord bleek sterk af te hangen van wegdek en wielset.
Aerodynamisch gezien is breder niet automatisch beter. Zodra een band breder wordt dan zijn velg, verdwijnt het aerodynamische voordeel en kost extra bandbreedte volgens de vuistregel van Silca ruwweg 1 watt per 2 millimeter bij een kleine windhoek. Dat is precies waarom merken nu ook steeds bredere velgen op de markt brengen: niet om trends te volgen, maar om de 105 procent-regel intact te houden bij 28 mm en 30 mm-banden. In onze diepgaande analyse van de optimale bandbreedte voor snelheid en comfort kwam die spanning tussen rolweerstand, comfort en aerodynamica al naar voren, en de opkomst van aero banden bevestigt dat het geen kwestie is van “breder is per definitie beter”, maar van de juiste band-velgcombinatie kiezen.
Dat is trouwens ook precies de reden waarom je een dure aero band op een smalle, verouderde velg kunt monteren zonder er iets van te merken: het voordeel zit hem in het systeem, niet in de band alleen. Fabrikanten als Zipp en DT Swiss ontwerpen hun nieuwste wielen daarom nadrukkelijk mét een specifieke band in gedachten, iets wat je terugziet bij topteams: renners van bijvoorbeeld Ineos Grenadiers en Soudal Quick-Step rijden tijdens tijdritten en aankomsten bergop bewust een band-wiel-combinatie die als eenheid getest is, niet losse onderdelen die toevallig passen.
Wat betekent dit voor jou als gewone wielrenner?
Voor de meeste amateurs is de praktische winst van dit alles bescheidener dan de wattages van fabrikanten doen vermoeden, maar niet nul. Een paar dingen die wél de moeite waard zijn:
Check eerst je band-velgcombinatie. Voordat je in een dure aero band investeert: een 28c-band op een velg die daar te smal voor is, levert waarschijnlijk weinig tot geen aerodynamisch voordeel op, ongeacht het label op de zijkant van de band.
Bandenspanning blijft de goedkoopste hefboom. Zowel voor rolweerstand als voor aerodynamica. We zetten eerder op een rij hoe je de juiste bandenspanning voor je racefiets bepaalt, en die vuistregels blijven overeind: te hard opgepompt kost je zowel comfort als, zoals nu blijkt, soms ook watts.
Zet aero banden op de juiste plek in je prioriteitenlijst. Positie op de fiets, kleding en een strakke pasvorm leveren doorgaans grotere aerodynamische winst op dan een paar honderd euro aan bandenmateriaal. Wie dat basiswerk al op orde heeft, kan een aero band zien als een laatste, kleine stap, niet als eerste investering. Wie meer wil weten over hoe die keuze past binnen een compleet aero-plaatje, leest verder over wat een aerobike racefiets precies is en waarom wielrenners ervoor kiezen.
Kortom: aero banden bestaan, het effect is meetbaar en onderbouwd met zowel merkonderzoek als onafhankelijke wetenschap, maar het is geen vervanging voor de basis. Het is een extra laag bovenop een fiets die al goed staat afgesteld.













