Voeding

Broccoli shot: helpt deze nieuwe trend écht tegen verzuring en vermoeidheid?

Unsplash

Unsplash

Minder verzuring, sneller herstel en langer hard fietsen: waarom wielrenners massaal kijken naar broccoli shots.

>>> Wil je op de hoogte blijven van het belangrijkste fietsnieuws? Schrijf je dan hier in voor onze wekelijkse nieuwsbrief met maandagochtend om 09.00 de top 5 artikelen.

Iedere wielrenner kent het moment waarop de benen langzaam vollopen. Je vermogen zakt, het tempo voelt plots zwaar en zelfs een klein klimmetje lijkt een muur. Verzuring, oplopende lactaatwaarden en moeizame herstelmomenten zijn voor veel fietsers dé beperkende factor tijdens zware trainingen, granfondo’s en wedstrijden.

Daarom zoeken wielrenners continu naar manieren om nét iets langer hard te kunnen rijden. Eerst was daar bietensap. Daarna kersensap. En nu duikt er een nieuwe naam op in het peloton: broccoli sprout shots. Volgens het Zweedse bedrijf Nomio kan een geconcentreerde broccoli shot helpen om lactaat te verlagen, oxidatieve stress te verminderen en herstel te versnellen. Grote claims dus. Maar wat zegt de wetenschap écht? En belangrijker: heeft dit daadwerkelijk zin voor de gemiddelde wielrenner?

Waarom lactaat zo belangrijk is voor wielrenners

Veel fietsers zien lactaat nog altijd als de grote boosdoener van vermoeidheid, maar het verhaal ligt genuanceerder. Lactaat is namelijk niet per definitie slecht. Het ontstaat wanneer je intensief fietst en je lichaam snel energie moet leveren. Het probleem ontstaat wanneer de productie sneller gaat dan je lichaam het kan verwerken. Dan krijg je dat bekende gevoel van verzuring, zware benen en vermogensverlies.

Precies daarom zijn trainingen gericht op lactaatverwerking zo populair geworden. Denk bijvoorbeeld aan over/under-trainingen waarbij je continu rond je omslagpunt fietst. Zulke sessies leren je lichaam efficiënter omgaan met lactaat en verbeteren je vermogen om langere tijd hard te rijden. Zoals we eerder schreven in ons artikel over Over/Under Workouts voor wielrenners, draait beter presteren rond je omslagpunt vooral om efficiënter omgaan met lactaat.

Wat zit er in zo’n broccoli shot?

De actieve stoffen in broccoli shots heten isothiocyanaten (ITC’s). Deze stoffen zitten van nature in broccoli, boerenkool, rucola en bloemkool. Vooral jonge broccolispruiten bevatten extreem hoge concentraties. Volgens onderzoekers activeren ITC’s een mechanisme in het lichaam dat bekendstaat als nrf2. Dat systeem helpt het lichaam omgaan met oxidatieve stress en zware fysieke belasting.

Kort gezegd: je lichaam zou beter voorbereid zijn op zware inspanningen. Dat klinkt interessant voor wielrenners, want intensieve trainingen zorgen niet alleen voor spiervermoeidheid, maar ook voor flinke hoeveelheden vrije radicalen en ontstekingsreacties.

Wat zegt de wetenschap over broccoli shots en prestaties?

De eerste onderzoeken rondom ITC’s en duursport laten voorzichtig positieve resultaten zien. In meerdere studies werd een lagere lactaatwaarde gemeten tijdens intensieve inspanningen.

Daarnaast zagen onderzoekers:

  • Minder oxidatieve stress
  • Sneller herstel na zware inspanning
  • Minder ontstekingsreacties
  • Een mogelijk langere tijd tot uitputting

Dat betekent niet automatisch dat je ineens 30 watt harder rijdt. Net als bij veel sportsupplementen gaat het vooral om kleine marges. Maar juist in de wielersport kunnen kleine marges enorm belangrijk zijn. Een iets lager lactaatniveau kan betekenen dat je nét wat langer mee kunt op een klim, sneller herstelt tussen intensieve blokken of minder vermoeid raakt tijdens meerdaagse evenementen.

Waarom profrenners geïnteresseerd zijn in natuurlijke prestatieboosters

De populariteit van natuurlijke supplementen groeit enorm in het wielrennen. Dat komt deels doordat renners steeds meer zoeken naar legale manieren om prestaties te optimaliseren. Die ontwikkeling zagen we eerder al bij bietensap voor wielrenners, dat populair werd vanwege de nitraten en mogelijke verbetering van de zuurstofefficiëntie. Ook kersensap wordt inmiddels volop gebruikt in het profpeloton vanwege de mogelijke voordelen voor herstel.

Broccoli shots passen perfect in die ontwikkeling: natuurlijke stoffen gebruiken om herstel, trainingsadaptatie en uithoudingsvermogen te verbeteren. Toch blijft voorzichtigheid belangrijk. Veel van de huidige onderzoeken zijn nog relatief klein en de langetermijneffecten zijn nog niet volledig bekend.

Kun je hiermee overtraining voorkomen?

Dat is waarschijnlijk te optimistisch. Wel lijkt het erop dat ITC’s mogelijk kunnen helpen om de impact van zware trainingsbelasting iets beter op te vangen. Vooral wielrenners die vaak intensieve blokken rijden of meerdere dagen achter elkaar zwaar trainen zouden daar baat bij kunnen hebben. Maar geen enkel supplement vervangt goed herstel. Zoals we eerder beschreven in ons artikel over de hormonale impact van overtraining, blijft structureel hersteltekort een serieus risico voor fanatieke wielrenners. En minstens zo belangrijk: Goede rustmomenten blijven daarbij essentieel, iets waar we dieper op ingingen in ons artikel over rustdagen voor wielrenners.

Wanneer zou een broccoli shot mogelijk nuttig zijn?

Vooral in situaties waarbij herstel en herhaalde intensieve inspanningen belangrijk zijn:

  • Voor zware intervaltrainingen
  • Tijdens trainingskampen
  • In etappekoersen of meerdaagse evenementen
  • Rond granfondo’s
  • Bij hittebelasting
  • Tijdens periodes met hoge trainingsomvang

Dat laatste is interessant, want hittetraining en zware trainingsblokken verhogen de fysieke stress op het lichaam aanzienlijk. Juist tijdens periodes van hoge trainingsbelasting, zoals trainingskampen of hittetraining, kan extra aandacht voor herstel interessant zijn.

Maar verwacht geen wondermiddel

Dat is misschien wel het belangrijkste punt. Veel wielrenners zoeken naar dé magische oplossing waarmee ze plots beter gaan presteren. Maar prestaties blijven altijd afhankelijk van de basis:

  • Goede training
  • Voldoende herstel
  • Slimme voeding
  • Rustige duurtrainingen
  • Krachttraining
  • Slaap

Een broccoli shot kan mogelijk ondersteunen, maar het gaat je slechte trainingsopbouw niet oplossen. Wie structureel beter wil presteren, haalt bovendien vaak meer winst uit een slimme trainingsopbouw, voldoende rustige duurtraining en het voorkomen van energiegebrek dan uit welk supplement dan ook.

Is broccoli eten dan niet gewoon voldoende?

Een logische vraag. Het verschil zit vooral in de concentratie. Volgens Nomio bevat één shot ongeveer evenveel actieve stoffen als meerdere kilo’s volgroeide broccoli. Dat betekent niet dat je ineens kilo’s broccoli moet gaan eten. Gezonde voeding blijft altijd de basis, maar zulke shots proberen een veel hogere concentratie van specifieke actieve stoffen aan te bieden. Vergelijk het met bietensapshots: ook daarvoor zou je anders enorme hoeveelheden bieten moeten eten.

De echte vraag: werkt het ook voor amateurs?

Dat blijft voorlopig lastig te beantwoorden. Veel supplementen werken namelijk anders bij recreatieve sporters dan bij profs. Profrenners zitten al dicht tegen hun fysiologische plafond aan. Daar kunnen kleine verschillen enorm waardevol zijn.

Voor amateurfietsers zit de meeste winst meestal nog in:

  • Consistent trainen
  • Beter slapen
  • Slimmer eten
  • Meer rustige kilometers maken
  • Niet te vaak te hard rijden

Toch kan het interessant zijn voor fanatieke wielrenners die veel trainen en serieus bezig zijn met prestaties en herstel.

Conclusie: interessante ontwikkeling, maar geen heilige graal

Broccoli shots en isothiocyanaten zijn zonder twijfel een interessante nieuwe ontwikkeling binnen de wereld van duursport. De eerste onderzoeken naar lagere lactaatwaarden, minder oxidatieve stress en sneller herstel klinken veelbelovend. Zeker voor wielrenners die vaak intensief trainen of meerdere dagen achter elkaar diep moeten gaan.

Maar tegelijk geldt hetzelfde als bij vrijwel ieder sportsupplement: de basis blijft belangrijker dan het product. Wie slecht slaapt, structureel te weinig eet of te weinig rust neemt, gaat dat niet oplossen met een shot broccoli. Zie het daarom vooral als mogelijke ondersteuning aan de randen van prestatie. Niet als wondermiddel. En misschien is dat precies waarom het zo goed past in het moderne wielrennen: marginal gains.