De carbon superschoen kost meer per vierkante centimeter dan Terpstra's villa

Update: 11 november om 12:38

© Getty Images

De carbon superschoen kost meer per vierkante centimeter dan Terpstra's villa

Afgelopen zaterdag zat ik op het terras van een wielercafé. Aan het tafeltje naast me legde een man zijn voeten met nieuwe wielerschoenen gestrekt op een stoel voor hem. "S-Works Torch," mompelde hij eerbiedig tegen zijn fietsmaat. "€450. Carbon zool van 13 op de stijfheidsschaal." Hij trok zijn knie op en bekeek de schoen van de zijkant alsof hij zijn Strava-analyse bestudeerde.

"Kijk," zei hij, terwijl zijn espresso koud werd, "BOA Li2 draaisluiting. Titanium draad. Body Geometry voetbed met vier graden varus wig. En deze ridge hier?" Hij wees naar een bijna onzichtbare ribbel. "Dat optimaliseert de airflow over je wreef bij 45 km/u." Zijn maat knikte instemmend en nam een slok koffie. "En de zool heeft een gemiddelde doorbuiging van 2,8 millimeter onder 1.000 Newton belasting."

Ik keek naar die twee stukjes carbon en lycra — kleiner dan een A4'tje, lichter dan een banaan — en dacht: wacht eens. Hoeveel kost eigenlijk een vierkante centimeter wielerschoen versus een vierkante centimeter woonoppervlak?

De Oppervlakte-Apocalyps

Laten we rekenen. Die S-Works Torch kost €450. Totale oppervlakte van beide schoenen (onderkant): ongeveer 600 cm². Dat is €0,75 per vierkante centimeter. Een gemiddelde Nederlandse woning kost €435.000 en beslaat 120 m² (1.200.000 cm²). Dat is €0,36 per cm². Je wielerschoenen zijn twee keer duurder per vierkante centimeter dan je huis.

Maar wacht. Die woning heeft geen BOA Li2 draaisluiting. Geen carbon chassis. Geen ventilatie-systeem dat bij 45 km/u werkt. Dus laten we eerlijk zijn en naar de top van de vastgoedmarkt kijken.

Niki Terpstra, de winnaar van Parijs-Roubaix, de Ronde, de man die z'n hele ploeg een Rolex cadeau deed, verkoopt momenteel zijn zelfgebouwde stolpboerderij in Bergen: €3,2 miljoen voor 500 m². Dat is €6.400 per m², oftewel €0,64 per cm². Nog steeds goedkoper dan je schoenen.

Een penthouse in Amsterdam Zuid kost €12.000 per m² (€1,20 per cm²). Een Picasso uit 1932 werd geveild voor €90 miljoen op 12.610 cm². Dat is €7.137 per cm². Oké, die laatste wint. Maar hier is de twist: die Picasso hangt aan de muur. Terpstra's boerderij staat er gewoon. Jouw wielerschoenen moeten 15.000 kilometer per jaar presteren. Bij regen, zweet, 1.200 watt sprint-pieken en dat ene moment je besluit met 50 kmpu over een gravelstrook te knallen.

De Wieler-Vastgoed Paradox

En dan realiseer ik me iets grappigs. Niki Terpstra won Parijs-Roubaix in 2014. Prijzengeld: €30.000. Zijn Rolex-cadeautje aan de ploeg kostte hem waarschijnlijk meer dan dat. Maar die overwinning, die ene dag dat hij op de Roubaix-velodroom finishte — daar kon hij een boerderij van kopen.

Of anders gezegd: 7.111 paar S-Works Torch.

Dat zijn genoeg schoenen om elke dag een nieuw paar aan te trekken gedurende 19 jaar. Of om de hele WorldTour te schoenen voor twee seizoenen. Een boerderij versus een container vol carbon voetbekleding. Maar de wielrenner kiest toch de boerderij. Want na 500 kilometer zijn die schoenen gewoon schoenen. Maar die boerderij? Die blijft staan. Met weids uitzicht over de landerijen. Met die Ferrari in de garage. Met vloerverwarming die niet afhangt van je FTP.

Van Leer naar Luchtvaart

In 1950 droegen Tour-renners leren schoenen met stalen plaatjes. Gewicht: 850 gram per schoen. Als ze nat werden: 1,2 kilo. Dat is ongeveer zoals fietsen in duikschoenen.

  • 1985: Kunststof zolen, klittenband. 400 gram per paar. Revolutionair.
  • 2000: Carbon composites, warmvormbare binnenschoenen. 320 gram.
  • 2010: BOA-draaisluitingen, asymmetrische zolen. 240 gram.
  • 2025: Grafeen-versterkte carbon, 3D-geprinte inlegzolen, force-vector optimalisatie. 190 gram.

In 75 jaar is de wielerschoen 77% lichter en 800% stijver geworden. En Terpstra's FTP toen hij Roubaix won? Pakweg 420 watt. Vandaag, met pensioen, misschien 350. Die schoenen evolueren exponentieel. Wij? Wij pieken en dan gaan we langzaam achteruit. En daar kan geen BOA-sluiting iets aan doen.

De Exponent Die We Missen

En hier wordt het pijnlijk grappig.

Want stel je voor dat wij dezelfde exponentiële groei doormaakten als die schoenen. In 1950 trapte de gemiddelde Tour-renner 250 watt FTP. Als wij 800% sterker waren geworden, zou Terpstra nu 2.000 watt FTP hebben. Terpstra's boerderij in Bergen? Die heeft zonnepanelen, een warmtepomp, een laadpaal voor zijn Ferrari. Allemaal omdat wij het zelf niet kunnen. Maar met 2.000 watt FTP? Dan sluit je gewoon je Tacx aan op de meterkast. Stekkertje erin, pedalen maar.

Vloerverwarming? Twee uurtjes recovery-tempo op de rollerbank. Elektrisch fornuis? Intervaltraining terwijl je pasta kookt. Bad vol warm water? Endurance-ritje van een uur. Terpstra zou zijn hele boerderij kunnen verwarmen met een ochtendje basistraining. Die Ferrari in zijn garage zou niet eens meer nodig zijn. Met 2.000 watt vlieg je zelf naar Parijs. De laadpaal kun je weggooien. Jij bent de laadpaal.

P.S. Voor de prijs van vijftig paar S-Works Torch (€22.500) kan ik 35.156 vierkante centimeter van Terpstra's boerderij kopen. Dat is 3,5 vierkante meter. Precies genoeg voor een kleine fietsenstalling waarin ik mijn fiets kan parkeren. Met mijn €450-schoenen eraan. De cirkel is rond.

Bron: Quote: De zelfgebouwde boerderij van Terpstra.