Oudste uitvinding speldjes

De oudste geniale uitvinding die nog steeds in het peloton gebruikt wordt

Praat mee!

Getty Images

Getty Images

In een peloton vol koolstof, radar en draadloze schakelsystemen zit één simpel ding dat nog exact zo werkt als in de tijd van je betovergrootouders. En het kost minder dan een broodje kroket.

Kijk eens goed naar de winnaar op het podium in Parijs. De fiets is duurder dan een tweedehands Fiat, het pak is aerodynamisch doorgemeten in een windtunnel en de helm is ontworpen door promovendi. En toch hangt er iets op zijn shirt dat al bijna twee eeuwen ongewijzigd hetzelfde is. Ouder dan de moderne fiets. Ouder dan de Tour zelf. Ouder dan de gloeilamp. Elke renner draagt er vier per etappe. Zonder deze verrassend nederige uitvinding zou de organisatie geen idee hebben wie er nu eigenlijk in het geel rijdt.

>>> Wil je op de hoogte blijven van het belangrijkste fietsnieuws? Schrijf je dan hier in voor onze wekelijkse nieuwsbrief met maandagochtend om 09.00 de top 5 artikelen.

Wat is dan die oertechnologie die geen ingenieur ooit fundamenteel heeft weten te verbeteren? Trommelgeroffel.

De schuld van vijftien dollar

Op 10 april 1849 kreeg de Amerikaan Walter Hunt patent op de moderne veiligheidsspeld. Volgens History.com had Hunt maar één reden om achter zijn werktafel te gaan zitten: hij was iemand vijftien dollar schuldig en had geen idee hoe hij dat bedrag ooit ging aflossen. In een paar uur boog hij een stukje draad om, bouwde er een veertje in en verstopte de punt onder een kapje. Klaar was het ding waar je jezelf niet meer in kunt prikken.

Hunt verkocht het patent vervolgens voor slechts 400 dollar. De koper werd schatrijk. Hunt zelf stierf zonder een cent te hebben overgehouden aan zijn eigen bedenksel. Als je ooit twijfelt of je die freelance factuur toch niet iets hoger mag zetten, denk aan Walter.

Getty Images© Getty Images

Van kledingclip naar rugnummer

Rond 1890 werd de sport in Europa professioneler en massaler. Volgens Wikipedia ontstond toen de noodzaak om deelnemers uit elkaar te houden. Wielrenners en hardlopers kregen losse papieren of stoffen nummers uitgereikt, en omdat er nog geen enkele fabrikant op het idee kwam om cijfers in truitjes te weven, greep men naar wat er toch al bij elke naaister in de la lag: veiligheidsspelden.

Voetballers deden er langer over. Volgens Sportgeschiedenis.nl speelden Arsenal en Chelsea in augustus 1928 als eersten met genummerde shirts, en in Nederland volgde het Tilburgse Longa pas in 1947. Alleen kregen voetballers hun cijfer direct op het shirt gestikt of gedrukt. Wielrenners bleven aan het speldje hangen. Letterlijk. Wie meer sappige anekdotes uit meer dan een eeuw Tour wil, kan terecht bij ABC van de Tour.

Getty Images© Getty Images

Waarom nog steeds die speldjes?

Een terechte vraag in een sport waarin bidons chips bevatten en helmen zijn ontworpen door promovendi aerodynamica. Volgens Racefietsblog is het antwoord verrassend simpel. Startnummers veranderen per wedstrijd, en in etappekoersen ook per dag. Permanent bedrukken kan dus niet. Sommige moderne shirts hebben een klein transparant zakje op de rug voor het nummer, maar het speldje wint alsnog op elk vlak. Het weegt bijna niets, kost een halve cent en werkt bij dertig graden regen net zo goed als bij vriezend weer op de Ventoux.

Bovendien vertaalt het woord "veiligheid" zich in het peloton in de meest letterlijke zin. Geen puntige uitsteeksels waar collega renners op vollegas langs razen.

Maar de oudste fietsuitvinding dan?

Als je puur naar fietsspecifieke techniek kijkt, is de klassieker de luchtband. John Boyd Dunlop patenteerde die in 1888, en volgens de fietsgeschiedenis is de opblaasbare rubberen band in exact dezelfde basisvorm nog steeds de dominante technologie in het peloton. Vijftien jaar ouder dan de Tour, die pas in 1903 vertrok.

Wie nog strenger kijkt en alleen onderdelen telt die door en voor renners zijn ontworpen, komt uit bij drie oldtimers:

  • De fietsketting, uitgevonden door Hans Renold in 1880, maakte de moderne safety bicycle mogelijk en brengt vandaag nog steeds op precies dezelfde manier je kracht naar het achterwiel. Meer weetjes over dat systeem staan in het overzicht 101 dingen over fietsaandrijving.
  • De bibshort met zeem, geïntroduceerd rond 1910 en oorspronkelijk van echt leer, voorkomt nog altijd zadelpijn. Het zeempje is inmiddels synthetisch, maar zit precies op dezelfde plek als toen.
  • De derailleur, in de Tour toegestaan vanaf 1937. Daarvoor moesten renners zelf hun achterwiel omdraaien om te schakelen. Tegenwoordig elektronisch aangestuurd, maar de bewegingslogica is nog steeds die van bijna een eeuw geleden. Of het systeem inmiddels uit de tijd is, staat centraal in het stuk hoe lang houden we de derailleur nog.

Toch verslaat geen van deze uitvindingen de nederige sluitspeld. De veiligheidsspeld is bijna veertig jaar ouder dan de luchtband, ruim dertig jaar ouder dan de fietsketting en zestig jaar ouder dan het zeempje. En vermoedelijk het enige onderdeel in het peloton dat exact identiek is aan de versie uit 1849. Zelfs Dunlop zou zijn eerste band niet meer herkennen. De speld die de gele trui op zondag in Parijs op zijn shirt prikt, zou moeiteloos passen door de knoopsgaten van je betovergrootmoeder.

Vertelt iemand je binnenkort dat wielrennen puur draait om technologische innovatie? Herinner die persoon er dan aan dat de winnaar van de Tour de France met veel trots zijn of haar rugnummer vastmaakt met een door een 175 jarige uitvinding; een stukje gebogen draad. Uitgevonden door een man die geen vijftien dollar had.