Deze Fransen wonnen een Touretappe op Quatorze Juillet
Getty Images

Voor Franse renners is er geen mooiere dag om een Touretappe te winnen dan op 14 juli. Op Quatorze Juillet, de Franse nationale feestdag, droomt iedere Franse wielrenner ervan om als eerste over de streep te komen. Een ritzege op Bastille Day levert niet alleen eeuwige roem op, maar zorgt ook voor een bijzondere plek in de Franse wielergeschiedenis. Door de jaren heen slaagden 28 verschillende Franse renners erin om op deze speciale dag een etappe in de Tour de France te winnen. Echter was het lang geleden dat er zo weinig Fransen meededen; er staan dit jaar slechts 30 Franse renners aan de start, het laagste aantal sinds 1968.
>>> Wil je op de hoogte blijven van het belangrijkste fietsnieuws? Schrijf je dan hier in voor onze wekelijkse nieuwsbrief met maandagochtend om 09.00 de top 5 artikelen.
>>> Lees alles over de Tour de France 2026
Franse winnaars op 14 juli
© Getty images Sinds de eerste Tour de France in 1903 hebben 32 Franse renners van hun droom een werkelijkheid gemaakt door een ritzege op 14 juli, de nationale feestdag van Frankrijk. Al tijdens de beginjaren van de Tour slaagden landgenoten erin om op deze bijzondere dag te winnen. Zo stonden namen als Maurice Garin (1903), Hippolyte Aucouturier (1904), Louis Trousselier (1905) en Georges Passerieu (1906) op Quatorze Juillet op de hoogste trede van het podium.
Ook in de jaren daarna bleef de Franse feestdag vaak een succesdag voor de thuisrenners. Onder meer Marcel Cadolle (1907), Charles Crupelandt (1911), Henri Pélissier (1923), Antonin Magne (1928) en Charles Pélissier (1930 en 1931) voegden hun naam toe aan de erelijst. Vlak voor de Tweede Wereldoorlog volgden ook Alphonse Antoine (1937) en Amédée Fournier (1939).
Na de oorlog bleef de traditie bestaan. Émile Idée won op 14 juli in 1949, waarna ook Jean Robic (1953), Jacques Vivier (1954) en Jean Bourlès (1957) een Franse feestdag extra glans gaven met een ritzege.
Tourlegendes op de Franse feestdag
© Getty images In de jaren zestig en zeventig waren het vooral de grote Franse kampioenen die op 14 juli toesloegen. Zo won vijfvoudig Tourwinnaar Jacques Anquetil zowel in 1961 als 1964 een etappe op Quatorze Juillet. Later volgden ook Roger Pingeon (1968), Raymond Delisle (1969) en tweevoudig Tourwinnaar Bernard Thévenet, die zowel in 1970 als 1975 op de nationale feestdag wist te winnen.
De jaren tachtig en negentig leverden opnieuw verschillende Franse overwinningen op. Bernard Labourdette (1971), Jean-Pierre Danguillaume (1977), Mariano Martínez (1980), Vincent Barteau (1989) en later ook Laurent Jalabert, die zowel in 1995 als 2001 won, zorgden ervoor dat de Franse fans ook in die periode konden juichen op hun nationale feestdag.
Van Virenque tot Barguil
In de 21e eeuw kwamen daar nog enkele bekende namen bij. Richard Virenque won op 14 juli 2004, gevolgd door David Moncoutié een jaar later. De laatste Franse ritwinnaar op Quatorze Juillet is voorlopig Warren Barguil. Hij won in 2017 de dertiende etappe van Saint-Girons naar Foix. Daarmee maakte hij een einde aan een Franse wachtperiode van twaalf jaar sinds de overwinning van David Moncoutié in 2005.
© Getty images Kan een Fransman ook in 2026 toeslaan?
Ook in de komende Tour de France staat er vandaag, op14 juli een etappe op het programma. De rit van Aurillac naar Le Lioran bevat meerdere lastige beklimmingen en lijkt op papier een ideale kans voor aanvallers en vluchters. Daardoor hopen de Franse wielerfans opnieuw op een thuiszege op hun nationale feestdag.
© Getty images Of er daadwerkelijk een Franse winnaar komt, moet nog blijken. Zeker is wel dat een ritzege op Quatorze Juillet nog altijd tot de meest prestigieuze overwinningen behoort die een Franse renner in de Tour kan behalen.
De kanshebbers
Paul Seixas (Decathlon CMA CGM) is de grootste Franse hoop. De 19-jarige Lyonnais staat na negen etappes zesde in het algemeen klassement, op 28 seconden van nummer drie Isaac del Toro, en won dit voorjaar de Waalse Pijl. Kanttekening: omdat hij voor het klassement rijdt, zijn zijn kansen op een ritzege beperkt, en zijn ploegleider Julien Jurdie maant tot voorzichtigheid omdat Seixas nog nooit langer dan acht dagen koerste. Bovendien past het explosieve profiel van Le Lioran niet perfect bij zijn kwaliteiten als rouleur-klimmer.
Lenny Martinez (Bahrain Victorious) staat achtste in het klassement en had voor de start van de Tour het bergtruitje als duidelijk doel benoemd. Met 33 bergpunten te verdienen op deze etappe heeft hij dubbele motivatie om mee te schuiven in de vlucht. Net als Seixas geldt wel: beide renners zullen door hun klassementspositie nauwlettend in de gaten worden gehouden door rivalen en hun ploegen.
Valentin Paret-Peintre (Decathlon CMA CGM) is misschien wel de meest logische winnaar op papier. Hij belichaamt het typische profiel van een ritwinnaar op 14 juli: een aanvallende klimmer die in de vroege vlucht kan glippen en overleeft op steile hellingen. Hij toonde zich al aanvallend in de col d'Aspin tijdens de zesde etappe.
Jordan Jegat (TotalEnergies) wordt door Franse media getipt als ideale vluchter. Hij staat zeventiende in het klassement op bijna elf minuten van Pogacar, waardoor hij de vrijheid krijgt om mee te gaan in ontsnappingen, en werd vorig jaar tiende in het eindklassement.
Alex Baudin (EF Education-EasyPost) liet zondag zien in vorm te zijn: hij werd vierde in Ussel en wordt door meerdere previews genoemd als renner die het verschil kan maken op de langere klimmen.
Romain Grégoire (Groupama-FDJ) rijdt als Frans kampioen in de driekleur. Hij droomt ervan om Raymond Delisle op te volgen, de laatste nationale kampioen die op de nationale feestdag won, in 1969, al noemt hij het parcours zelf een etappe voor pure klimmers.
Kévin Vauquelin (Netcompany INEOS) is een twijfelgeval: hij haalde tot nu toe niet zijn niveau van vorig jaar, maar zou revanchegevoelens kunnen hebben. En Julian Alaphilippe toont aanvalslust, maar komt fysiek tekort om met de top te wedijveren.












