Mistige rit

Deze lens redt je zicht op mistige herfstdagen

Praat mee!

Getty Images

Getty Images

Je fietsbril is gekocht voor de zon en werkt in de schemer en mist eerder tegen je dan voor je. Dit artikel geeft concreet lensadvies, kleur, lichtdoorlatendheid en fotochromatische lenzen, voor lage-lichtomstandigheden.

Deze lens redt je zicht op mistige herfstochtenden, en dat is iets anders dan een bril die vooral goed staat op een Strava-foto. Wie in oktober en november de weg op gaat, voor een ochtendtraining merkt al snel dat de zomerse zonnebril met een donkere lens averechts werkt. De centrale vraag in dit artikel: welke lenskleur en lichtdoorlaatbaarheid zorgen ervoor dat jíj beter ziet, in plaats van dat je alleen beter gezien wordt? Merken als Oakley, KOO, Uvex en Tifosi brengen aparte lage-lichtlenzen en fotochromatische varianten uit die precies op dat probleem inspelen.

>>> Wil je op de hoogte blijven van het belangrijkste fietsnieuws? Schrijf je dan hier in voor onze wekelijkse nieuwsbrief met maandagochtend om 09.00 de top 5 artikelen. Abonneren op Bicycling magazine of losse nummers kopen doe je in onze shop!

Waarom je zomerbril in de mist niet werkt

De meeste racefietsers hebben één bril, gekozen voor een stralende junidag: een donkere of spiegelende lens met een lichtdoorlatendheid (VLT) van pakweg 10 tot 20 procent. Prima tegen felle zon, maar op een mistige ochtend is het omgevingslicht al laag. Zet je daar dan een donkere lens voor, dan gaat je pupil verder open om toch genoeg licht binnen te laten, en dat kost je precies de scherpte en dieptewaarneming die je nodig hebt om een put in het wegdek, een tak of een medefietser op tijd te zien. Het verschil tussen een fietsbril en een gewone zonnebril zit 'm dan ook grotendeels in die lens, niet in het montuur.

Uit eigen ervaring als oud-wielrenner en wielerjournalist die genoeg mistige ochtendtrainingen heeft afgewerkt: een te donkere lens maakt je juist onzekerder in bochten en bij het inschatten van de afstand tot de fietser voor je. Je knijpt je ogen samen, je hoofd zakt iets, en precies dat kost reactietijd op het moment dat het ertoe doet.

Wat mist met je zicht doet: het draait om contrast, niet om felheid

Mist bestaat uit piepkleine waterdruppeltjes die licht in alle richtingen verstrooien. Daardoor wordt niet zozeer alles donkerder, maar vervaagt vooral het contrast tussen een object en zijn achtergrond, een grijze bestelbus tegen een grijze mistwand is nauwelijks te onderscheiden. Onderzoek uit 2000 van optometrist J.S. Wolffsohn en collega's, gepubliceerd in Ophthalmic and Physiological Optics, laat zien dat gele lenzen het contrast van een object tegen de lucht vergroten doordat ze selectief kortgolvig (blauw) licht wegfilteren. Dat verklaart waarom gele en amberkleurige lenzen al decennialang de populairste keuze zijn bij bewolkt weer en mist.

Wees wel kritisch op te grote beloftes: onderzoekers van het Schepens Eye Institute vonden in een rijsimulatorstudie, besproken door de American Academy of Ophthalmology, geen meetbaar verschil in de tijd die proefpersonen nodig hadden om een voetganger in het donker te herkennen met of zonder gele lens. Het contrastvoordeel geldt dus vooral bij diffuus daglicht, zoals mist en zware bewolking, en niet in situaties met vrijwel geen omgevingslicht meer, zoals fietsen op een onverlichte weg in het donker.

De lichtdoorlaatbaarheid (VLT) die je in de mist wilt

Lenzen worden ingedeeld in officiële filtercategorieën op basis van hun visible light transmission (VLT), zoals Zeiss overzichtelijk beschrijft: categorie 0 laat 80 tot 100 procent licht door, categorie 1 zo'n 43 tot 80 procent, categorie 2 (de gemiddelde zomerbril) 18 tot 43 procent, en categorie 3 en 4 zijn gereserveerd voor felle zon en hooggebergte. Voor mist, schemer en de vroege ochtend wil je in categorie 0 of 1 zitten: minimaal zo'n 40 procent en het liefst richting de 60 tot 90 procent lichtdoorlaatbaarheid.

Steeds meer fabrikanten spelen hierop in met verwisselbare lenzensets. In de grote fietsbrillentest van Bicycling zit bijvoorbeeld de Tifosi Rail met een heldere lens voor bewolkt en somber weer naast een donkere variant voor de zon, en biedt de UVEX Sportstyle 231 juist standaard een lichtere lens die in bewolkte bossen goed werkt. Twijfel je nog over welk type lens bij jouw rijstijl past, kijk dan ook naar de vijf tips voor het kiezen van de juiste fietsbril, waarin lenstype nadrukkelijk als aparte afweging naast pasvorm en ventilatie wordt behandeld.

Amber, geel of toch helder: de kleurkeuze in de praktijk

Vertaald naar de praktijk van een herfstochtend op de racefiets: bij dichte mist of vlak na zonsopgang, wanneer er nog nauwelijks licht is, kies je een heldere of lichtroze lens (VLT 80 procent of hoger). Die beschermt tegen wind, opspattend water en insecten zonder het beetje beschikbare licht verder te dempen. Trekt de mist op en blijft het zwaar bewolkt, dan is een gele of amberkleurige lens (VLT rond 40 tot 60 procent) de betere keuze, vanwege het contrastvoordeel uit de vorige sectie. Wat je in deze omstandigheden juist kunt laten liggen: spiegellenzen en grijze of bruine lenzen onder de 20 procent VLT. Die zijn ontworpen om fel zonlicht te temperen en doen in de mist precies het tegenovergestelde van wat je nodig hebt.

Fotochromatische lenzen: handig voor de Nederlandse herfst, met één addertje

Fotochromatische lenzen reageren op UV-straling: ze kleuren donkerder bij feller licht en worden weer helder zodra dat licht afneemt, met een reactie die volgens de technische achtergrond op Wikipedia al binnen een minuut merkbaar is. Voor Nederlandse herfstritten, waarbij je binnen een uur van een mistbank naar doorbrekend zonlicht kunt fietsen, is dat precies het scenario waarvoor deze techniek is bedacht. Zo constateerde we ook in de review van de BBB Arc PH fietsbril op Bicycling dat je bij vertrek in de bewolking en aankomst in volle zon niets hoeft te wisselen en dat de lens bij schemer en bosstroken voldoende zicht bleef bieden.

Het addertje onder het gras: fotochromatische stoffen keren via een thermisch proces terug naar hun heldere staat. Hoe kouder het is, hoe donkerder de lens blijft en hoe langer ze nodig heeft om weer helder te worden. Kom je op een koude, mistige ochtend net uit een donkere fietsenstalling, geef de lens dan gerust een paar minuten om zich aan te passen voordat je conclusies trekt over hoe donker hij aanvoelt.

Wat betekent dit voor jou als je woensdagochtend de mist in fietst

Je hoeft niet meteen een nieuwe bril te kopen. Check eerst het VLT-percentage van de lenzen die je al hebt, staat het niet op de lens zelf, dan vind je het meestal op de website van de fabrikant. Kom je boven de 40 procent uit, dan kun je die lens in de mist prima laten zitten. Zit je daaronder, overweeg dan een tweede, lichtere lens bij een bril met verwisselbaar systeem, of een fotochromatisch model voor ochtenden met wisselend licht.

  • Dichte mist of net na zonsopgang: heldere of lichtroze lens, VLT 80 procent of hoger.
  • Zwaar bewolkt of optrekkende mist: gele of amberkleurige lens, VLT rond 40 tot 60 procent.
  • Wisselende ochtend met kans op doorbrekende zon: een fotochromatische lens.
  • Vermijd in deze omstandigheden: spiegel- of grijze/bruine lenzen onder VLT 20 procent.

En minstens zo belangrijk als je lens: zorg dat je zelf ook zichtbaar bent voor het overige verkeer. Een goede lens helpt jou beter zien, maar een fietser die uit de mist opduikt bij een kruising heeft evengoed baat bij jouw verlichting en reflectie. Hoe je dat aanpakt, lees je in Zo ben je goed zichtbaar bij ritten in het donker.