inverstering in snelle fietsroutes

Fiets wordt aantrekkelijk vervoer tot 20 kilometer

© Getty Images

Fiets wordt aantrekkelijk vervoer tot 20 kilometer

Het demissionaire kabinet trekt 2,5 miljard euro uit om Nederlandse wijken beter bereikbaar te maken. Een belangrijk onderdeel daarvan: snelle fietsroutes, ook wel doorfietsroutes genoemd. Hoe gaan die miljarden geïnvesteerd worden? Volgens woordvoerder Jaap Steensma van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat moeten deze routes het voor forenzen en scholieren aantrekkelijker maken om de auto vaker te laten staan. Jij kan straks over een snelweg op de fiets naar je werk!

Regionale keuzes, landelijke afstemming

Welke fietsroutes als eerste worden aangelegd, wordt niet door het Rijk bepaald, zegt Steensma. "De prioritering ligt bij de provincies en vervoerregio’s, in overleg met de gemeenten waar de routes doorheen lopen."

Toch betekent dit niet dat Nederland versnipperd investeert in losse projecten. De landelijke samenwerking vindt plaats via Tour de Force, een samenwerkingsprogramma waarin overheden, marktpartijen, maatschappelijke organisaties en kennisinstituten werken aan een sterker fietsbeleid. Het doel: een landelijk netwerk waarin steden en omliggende dorpen naadloos op elkaar aansluiten, vooral voor afstanden tot ongeveer 20 kilometer.

Meten van succes

Of de investering ook daadwerkelijk zorgt voor minder autoverkeer, wordt in de komende jaren nauwlettend gevolgd. Voor het meten van fietsgebruik bestaat al een nationale methode. "Er wordt gemeten vóór en ná aanleg van een route," legt Steensma uit.

Een landelijk systeem om exact te meten hoeveel automobilisten overstappen op de fiets, is er nog niet. Dat moet nog worden ontwikkeld.

Wanneer merken fietsers het verschil?

Een concrete datum waarop de eerste verbeteringen zichtbaar worden, is lastig te geven. De planning verschilt per route en regio. "Informatie is per project te vinden bij provincies, gemeenten of vervoerregio’s," aldus Steensma.

Fietsers mogen meedenken

Bij de ontwikkeling van de routes worden inwoners actief betrokken. Fietsers kunnen knelpunten aangeven, meepraten over ontwerpkeuzes en hun ervaring delen. Dit maakt onderdeel uit van de zogeheten 0-meting, ontwikkeld door Tour de Force.

Veiligheid en verlichting

Een belangrijke vraag onder gebruikers is of de nieuwe routes ook ’s avonds veilig zijn. Volgens Steensma wordt bij het ontwerp gebruikgemaakt van richtlijnen van kennisinstituut CROW, waarin verkeersveiligheid en sociale veiligheid zwaar meewegen. Toch is routeverlichting geen automatisme: "Per traject moet een afweging worden gemaakt, bijvoorbeeld als verlichting de natuur beïnvloedt."

Samenwerking over gemeentegrenzen

Omdat snelle fietsroutes vaak meerdere woonplaatsen verbinden, wordt intensief samengewerkt tussen gemeenten, provincies en vervoerregio’s. "Een doorfietsroute stopt niet bij een gemeentegrens," benadrukt Steensma.

Met de miljardeninvestering zet het kabinet een volgende stap in het verbeteren van duurzame mobiliteit. Of de snelle fietsroutes daadwerkelijk leiden tot minder autogebruik, moet de komende jaren blijken — maar de ambitie ligt er: de fiets als volwaardig alternatief voor korte én middellange ritten.