De mooiweerfietser is uitgestorven, maar waarom?
Photo by Larendo van Gennip on Unsplash

Hij is uitgestorven. Weggevaagd. Van de aardbodem verdwenen door een aanhoudend hogedrukgebied. De mooiweerfietser, dat prachtige, kwetsbare wezen dat alleen gedijt bij achttien graden, windstilte en een schone ketting, heeft deze zomer geen enkel argument meer over. En dat is een groot verlies, want hij had er zoveel.
Je kent hem. Hij staat in je appgroep. Hij heeft een fiets die meer waard is dan zijn auto, hij weet precies welke bandenspanning bij welke temperatuur hoort, en hij is de afgelopen tien maanden vier keer buiten geweest. Misschien ben je het zelf wel. Ik in ieder geval wel, ergens tussen november en maart.
>>> Wil je op de hoogte blijven van het belangrijkste fietsnieuws? Schrijf je dan hier in voor onze wekelijkse nieuwsbrief met maandagochtend om 09.00 de top 5 artikelen.
De gouden jaren van de drogreden
Bij slecht weer kwam die gunstige identiteit maar al te graag om de hoek kijken. En laten we eerlijk zijn: het was groot vakmanschap. De mooiweerfietser is namelijk geen luie man. Hij is een denker. Een filosoof met een fietscomputer.
Zijn beste werk, voor het archief:
"Het is nu droog, maar er hangt iets boven Zeeland." Op de buienradar staat een groenige veeg ter grootte van een postzegel, tweehonderd kilometer verderop, die over drie uur richting Duitsland trekt. Toch: te riskant.
"Er staat te veel wind." Windkracht drie. In Nederland. Waar de mooiweerfietser al zijn hele leven woont en al zijn hele leven verbaasd over is.
"Mijn goede fiets kan niet in de regen." Alsof carbon oplost in water. Alsof er in het profpeloton wordt gestopt bij een spatje. Deze fietser bezit een machine die is gebouwd om over de Poggio te vliegen en gebruikt hem als woonkamerdecoratie met uitzicht op de tuin.
"Ik wacht nog op mijn overschoenen." Ze zijn besteld. Ze komen. De zending is onderweg. Wat er niet bij wordt gezegd, is dat het pakket in maart is bezorgd en nog in de gang staat.
"Alleen fietsen heeft geen zin." De groep gaat niet, dus hij gaat niet. Twee uur later blijkt uit de app dat er vier man wel zijn gegaan. Dan was het te laat. Dan had hij geen zin meer. Dan was het al bijna donker, om kwart over twee.
"Straks klaart het op." Het klaart op. Dan is het avond.
"Ik moet eerst de ketting schoonmaken." Een edele wens, die op de lijst staat sinds de laatste keer dat hij is gaan fietsen, en dus onmogelijk kan worden uitgevoerd voordat hij weer is gaan fietsen. Een prachtige, gesloten cirkel.
"Ik heb geen tijd." Gezegd door iemand die daarna vijf uur naar een wielerkoers kijkt en tijdens de vlucht in de finale drie keer roept dat ze niet doorrijden.
En toen ging de zon aan
Maar kijk nu eens naar buiten. Het is al weken zonnig en kurkdroog. De sloten staan laag, de berm is beige, en de weersverwachting voor de komende week meldt droog weer met neerslagkansen rond de nul procent en temperaturen die richting dertig graden en daarboven kruipen. Er is geen regen. Er is geen pekel. Er is geen tegenwind uit het oosten die je hele leven op zijn kop zet.
Dit is precies het weer waarop de mooiweerfietser tien maanden heeft gewacht. Dit is zijn moment. Zijn koninkrijk. En weet je wat er gebeurt?
Hij vindt nieuwe redenen.
"Het is te warm." Van de man die in februari niet ging omdat het te koud was. Het venster is inmiddels teruggebracht tot vier graden Celsius.
"Het is te druk op de dijk." Vakantiefietsers, gezinnen op huurfietsen, kinderen die zwaaien. Verschrikkelijk. Wat een land.
"Ik moet eerst zonnebrand halen." Dat is dan wel echt waar. Maar er is een winkel om de hoek, en je fiets staat al klaar.
"Ik wacht tot de hittegolf voorbij is." Waarna hij wacht tot de nazomer voorbij is, en dan is het herfst, en dan hangt er iets boven Zeeland.
"Dit weekend kijk ik de laatste etappe van de Tour de France Femmes uit." Op de bank. Zondag 9 augustus, in Nice. Een uitstekend plan, maar ik wijs er graag op dat de zon in de ochtend ook al schijnt en dat je koffiestop dus prima voor de koers past.
© Photo by David Dvořáček on UnsplashGooi ze in de prullenbak
Alle drogredenen, in de prullenbak. Zelfs de mooie. Zelfs die ene die je zo lang hebt geperfectioneerd en die je al drie winters achter elkaar zonder blikken of blozen uitspreekt.
Want dit is het weer waarvoor je die fiets hebt gekocht. Droge wegen, licht tot in de late avond, banden die grip hebben, geen spatbord dat rammelt, geen zeem die na twintig kilometer een dweil is of natte schoenen die trouwen met de geur van al je voetschimmels bijeen. Je moet vroeger opstaan of later gaan, je moet meer drinken en een extra bidon meenemen, en je moet niet om twee uur 's middags aan een klim beginnen. Dat is alles. Dat is de volledige lijst met bezwaren.
De mooiweerfietser bestaat niet meer, want er is alleen nog maar mooi weer. Wat overblijft, ben jij. Op een fiets. In de zon. Met een smoes minder en een middag zomer erbij. Duik erin. Straks hangt er weer iets boven Zeeland.












