Isère: tussen koers en stilte
Focus Outdoors

De Isère is een streek van contrasten. Stille valleien liggen hier naast mythische cols als de Alpe d’Huez en de Col de la Croix de Fer. In departement 38 wisselen lege wegen en koersgeschiedenis elkaar continu af: van vergeten beklimmingen tot plekken waar de Tour de France zijn stempel heeft gedrukt. Ik reed drie dagen door het gebied, in de week waarin Alpe d’HuZes zijn twintigste editie beleefde.
>>> Dit artikel verscheen eerder in het Bicycling magazine. Abonneren kan hier, een los exemplaar thuis laten bezorgen kan ook, bestel hem hier in onze eigen webshop.
Trièves: een verborgen parel in het zuiden van de Isère
In het uiterste zuiden van de Isère vind je de Trièves. 27 kleine dorpen en gehuchten, 10.000 inwoners en een oppervlakte van 650 vierkante kilometer. Een bergachtig gebied op de kruising van de noordelijke en zuidelijke Alpen, halverwege tussen Gap en Grenoble. Ongeveer een uur en een kwartier rijden van wielerbedevaartsoord Le Bourg-d’Oisans, dat hemelsbreed zo’n 35 kilometer noordelijker ligt. Op woensdag 3 juni wacht me in dit voor mij volstrekt onbekende stuk van de Isère een route van 80 kilometer met flink wat hoogtemeters. Het is niet mijn eerste keer in de regio: de Alpe d’Huez, de Col du Glandon en de Col du Galibier heb ik al afgevinkt op mijn bucketlist. Alleen deze hoek van het departement is nieuw terrein. Wat kan ik ervan verwachten? Gaat het hier net zo taai worden?
Route: https://www.komoot.com/tour/3015190490
'Tijdens de klim kom ik niemand tegen, alsof ik alleen op de wereld ben'
Kalmte is de norm
Terwijl het ochtendkwik langzaam oploopt, maak ik me klaar voor vertrek. Vanuit mijn verblijf in Châtel-en-Trièves, waar ik overnacht in een prachtige hoeve (La Casa des Achards), rijd ik naar het westen. Wat me direct opvalt is de kalmte die het gebied uitstraalt. Pas na een kilometer of tien, als ik al verscheidene kleine communes ben gepasseerd, kom ik de eerste automobilist tegen. Typisch voor de Trièves, waar rust op de glooiende wegen eerder regel dan uitzondering is.
© Focus OutdoorNa het doorkruisen van het kleine economische centrum van de Trièves, Mens (met nog geen 1.500 inwoners) staat meteen de eerste échte uitdaging van de dag te wachten. De Col de Mens. Vier kilometer tegen gemiddeld 6 procent, met uitschieters tot 11 procent). Een naam die vriendelijk klinkt, maar dat allerminst is. Zeker niet zo vroeg in de rit. De slotfase van de klim, tot rond de 1.100 meter, is het zwaarst. Groot pluspunt: hij is prachtig. Goed asfalt, fijne bochten en mooie bossen. Minutenlang voelt het alsof je alleen op de wereld bent. Zeker als je gewend bent om in druk Nederland te fietsen, is dat een prettige gewaarwording.
[Bron: https://climbfinder.com/nl/beklimmingen/col-de-mens-allouaire ]
Geen meter vlak
Ik vraag me onderweg, in deze oase van rust, af voor wie deze wegen eigenlijk zijn aangelegd. Ik kom nauwelijks iemand tegen. Natuurlijk, de gehuchten moeten verbonden zijn via dit netwerk van kronkelwegen, maar het blijft bijzonder. Ook op het restant van de route is er weinig gemotoriseerd verkeer. Fietsers zie ik al helemaal nauwelijks. Potentie als fietsregio lijkt er genoeg, ook gezien de kwaliteit van het asfalt. Misschien ook precies de reden dat ik hier ben uitgenodigd om te rijden.
Het is in de Trièves geen meter vlak. Na de Col de Mens volgen geen écht lange monsters meer, maar rust geeft dat niet per se. Ook op de onregelmatigheden kun je hier volledig stukgaan. Ik kom nooit echt lekker in het ritme – wennen is het zeker. Daar staat wel iets tegenover: het panorama. Je bent voortdurend omringd door bergen. Waar je ook kijkt, overal steken beboste toppen op. Beklemmend is het niet, indrukwekkend wel.
© Focus OutdoorTafelberg Mont Aiguille
Via verschillende kleine dorpen kom ik na zo’n vijftig kilometer uit bij Clelles, een typisch Frans dorp en een prettig rustpunt met wat levendigheid en horeca. In de omgeving domineert één beeld: de Mont Aiguille. Een losstaande kalksteenpiek uit het Vercors-massief, met een bijna vlakke top die met gras is bedekt. Een unuieke tafelberg. Ik vervolg de route en krijg onderweg voortdurend korte, pittige beklimmingen voorgeschoteld. Onregelmatige stukken die de benen vullen met pap en pudding. Maar het blijft fietsen door een ansichtkaart. Druk wordt het nergens. Aan het eind van de dag staan er 80 kilometer en 1.500 hoogtemeters op de teller. Moe en voldaan is het tijd voor een colaatje. Dit was één rit, en het smaakt naar meer. Ik stap in de auto richting Le Bourg d’Oisans. Morgen is het 4 juni 2026. Een dag die voor velen grote betekenis heeft.
Alpe d’HuZes 2026: de dag die nooit stil wordt
© Anne Schwaighofer'De kaarsjes, spandoeken en supporters langs de weg maken diepe indruk'
In de vroege ochtend van 4 juni, 04.30 uur, vertrekken de eerste deelnemers vanuit Le Bourg-d’Oisans richting Alpe d’Huez. Veertien kilometer klimmen tegen gemiddeld 8 procent. Zelfs in het donker staat het parcours al vol supporters.
Het is de twintigste editie van Alpe d’HuZes. Het principe is onveranderd: deelnemers fietsen, wandelen of rennen maximaal zes keer omhoog, om zo veel mogelijk geld op te halen voor kankeronderzoek en kwaliteit van leven.
De deelnemers komen uit alle windstreken. Jong en oud. Bekende namen ook: onder anderen Douwe Bob, Froukje de Both en Michael Boogerd. Boogerd is er voor de vierde keer. Dit jaar als teamcaptain. ‘Ik reed met een buddy, Stephan van Kessel. Hij heeft een ongeneeslijke tumor waarvan niet duidelijk is waar die zit. Toch wilde hij nog één keer meedoen. Hij reed één keer met mij omhoog om half vijf vanochtend en daarna nog een keer zelf. Dat is echt heel bijzonder.’
Zelf ga ik niet voor zes keer vandaag, maar ik rijd één keer omhoog. De brandende kaarsjes, spandoeken en supporters langs de weg maken diepe indruk.
© SalinoSamen bovenkomen
Als ik op de top aankom, dringt de betekenis van de dag nog niet volledig door. Pas later, in gesprekken met deelnemers, wordt duidelijk wat hier allemaal samenkomt: verlies, hoop, herstel, doorzettingsvermogen. Er wordt gehuild en gelachen. Dierbaren worden herdacht, maar ook het leven gevierd. Het credo blijft overeind: opgeven is geen optie. Presentatrice Evelien de Bruijn vat het samen: ‘Alpe d’HuZes is altijd zo’n memorabele dag. De emotie is hier overal. Je wilt de hele dag tussen de mensen blijven.’
Michel Leijen is betrokken bij een 25-koppig Frans-Nederlands team. Verschillende locals uit Huez zelf, van de lokale fietsenmaker tot medewerkers van het VVV-kantoor, hebben zich verenigd in het grensoverstijgende team dat in totaal 50.000 euro ophaalde. ‘Kanker stopt niet bij grenzen’, zegt hij. ‘Daarom zagen we belang in dit ‘internationale’ project. Dit is echt iets wat je live moet meemaken. Het laat niemand onberoerd.’
Croix de Fer: toetje van de Tour
Eind juli arriveert het grootste circus op twee wielen in de Isère. De apotheose van de Tour de France 2026 draait om twee dagen koers met opnieuw een finish op Alpe d’Huez. Maar ook de Col d’Ornon, Col de Sarenne, Col du Galibier, Col du Télégraphe en de Col de la Croix de Fer staan op het menu. Klassieke Alpenkost.
Op vrijdag 5 juni, de dag na Alpe d’HuZes, rijd ik nog één keer de bergen in. Dit keer richting de Croix de Fer. Letterlijk en figuurlijk een grensverleggende rit: deze pas verbindt Isère met Savoie en draagt de naam van het ijzeren kruis dat bij de top staat.
'De beklimmingen laten je tot het uiterste gaan en de uitzichten zijn adembenemend '
28 kilometer geen rust
De Croix de Fer heeft een rijke koersgeschiedenis. Coppi, Bartali en Hinault kwamen hier al als eerste boven. Het is een klim van bijna 28 kilometer, vandaag via de kant van Allemond waar prachtige vergezichten en ruwheid samenkomen. Vanaf het stuwmeer Lac du Verney begint de klim direct. Het is en blijft voortdurend onregelmatig. Bovenop (2.068 meter) wordt alles stil. Bergtoppen, ruwe rotspartijen en zelfs nog sneeuwvelden in de verte. De Croix de Fer is alles wat je van een Alpenpas verwacht. Het is er nu nog rustig. Over een paar weken niet meer, dan kun je er over de hoofden lopen. Gaan Tadej Pogacar en Jonas Vingegaard er net zo van genieten als ik?
© Youri van den BergHet gevoel dat je leeft
De Isère laat zich niet in één stemming vangen. Soms is het in de Isère muisstil, zoals in de Trièves. Soms is het er juist uitzinnig druk, hectisch, vol emoties en prikkels, zoals bij Alpe d’HuZes. Of straks tijdens de beklimmingen in de Tour de France. De beklimmingen laten je hier tot het uiterste gaan, en de uitzichten, zoals boven op de Croix de Fer, zijn adembenemend. Ik heb het leven gevierd deze dagen en met volle teugen genoten. Van de stilte én de hectiek. Ik heb een klein beetje onderdeel mogen zijn van een memorabele inzamelingsactie om het leven misschien wat langer te kunnen blijven vieren. Opgeven is geen optie.













