Moet ik voor meer snelheid mijn stuur hoger of lager zetten?
© Getty Images

Jarenlang gold in de wielerwereld een vrij simpel principe. Hoe lager het stuur hoe sneller je door de lucht snijdt. De gedachte daarachter was logisch. "Een diepere houding verkleint je frontaal oppervlak en dat levert vaak winst op". Maar de ontwikkelingen in aerodynamica hebben duidelijk gemaakt dat dit maar een deel van het verhaal is.
Van extreem laag naar effectief en houdbaar
Wielrenners doken vroeger zo ver mogelijk naar beneden. Tegelijk ontstond er een keerzijde. Een te agressieve houding beperkt soms de kracht die je kunt leveren omdat je heuphoek te klein wordt. Het lichaam kan dan minder efficiënt ademen en bewegen. Daarmee kan een lagere "cockpit" juist verlies opleveren.
Onderzoek en praktijkervaring binnen het profpeloton hebben gezorgd voor een bredere kijk. Snelheid hangt af van drie pijlers: aerodynamica, kracht en duurzaamheid. Duurzaamheid betekent dat je een gekozen positie lang kunt volhouden zonder pijn of vermoeidheid die je vermogen beperkt. De optimale positie is vaak een compromis tussen deze drie factoren.
Frontaal oppervlak als sleutel
Jan Willem van Schip heeft de laatste jaren laten zien hoe belangrijk frontaal oppervlak werkelijk is. Hij experimenteerde openlijk met posities en materialen. Zijn houding is soms hoger dan je zou verwachten bij een tijdrijder. Toch is hij snel omdat zijn schouders smal blijven en zijn armen efficiënt voor het lichaam staan. Frontaal oppervlak is het deel van jou dat de rijwind raakt. Niet alleen de hoogte van je stuur maar vooral de totale vorm die je maakt in de lucht bepaalt je weerstand. Dankzij renners die dit durven onderzoeken is de aandacht verschoven van simpelweg lager naar slimmer.
Nieuwe inzichten in materiaalkeuze
Ook de lengte van de cranks laat die verschuiving zien. Ooit leek een vaste lengte de norm. Inmiddels rijden steeds meer profs bewust met kortere cranks. Dat vergroot de heuphoek, verbetert de ademhaling en maakt een betere aerodynamische positie mogelijk die ook vol te houden is. De winst ontstaat dus indirect. De crank zelf is niet sneller maar draagt bij aan een betere houding.
Wat kun je hier als fietser mee
Steeds vaker gaat de zoektocht naar snelheid minder om dieper liggen en meer om smaller blijven. Een compacte schouder en armpositie verkleint je frontaal oppervlak vaak effectiever dan een extreem laag stuur. Dit "lab op wielen" wordt nu aan steeds specifiekere UCI regels verbonden.
Kies de houding waarin je zowel kracht kunt leveren als goed kunt ademen. Een hoger (en smaller) stuur kan dus sneller zijn als je daarmee sterker en stabieler rijdt. Een lager stuur helpt alleen als het zonder gedoe je luchtweerstand verlaagt.
Probeer uit wat voor jou werkt en laat zo nodig een bikefit uitvoeren. Kleine aanpassingen kunnen al veel verschil maken in comfort en snelheid.
Samengevat
Sneller worden draait niet om één aspect. Het gaat om een positie die:
- het frontaal oppervlak minimaliseert
- voldoende kracht laat leveren
- lang houdbaar is zonder verlies aan comfort
Het tijdperk van hoe lager hoe beter is voorbij. De snelste houding is de houding die jij zo efficiënt en ontspannen mogelijk kunt volhouden. Dat is de moderne aerodynamica in de praktijk. En voordat je zelf aan de slag gaat met de inbussleutel lees eerst dit artikel.




