Mountainbikeroutes sluiten: Rij jij de trails kapot?
Gijs Ferkranus

Modder, plassen en glibberige bochten maken een rondje op de MTB dit najaar extra uitdagend. Toch zijn nattere omstandigheden ook de reden dat sommige routes tijdelijk sluiten. Niet omdat terreinbeheerders of mtb-stichtingen verantwoordelijk voor onderhoud fietsers willen tegenhouden, maar omdat een kwetsbare trail soms gewoon tijd nodig heeft om te herstellen. Dat roept een interessante vraag op: hoe weet je eigenlijk of je een route nog kunt rijden zonder dat je de ondergrond onnodig beschadigt?
>>> Wil je op de hoogte blijven van het belangrijkste fietsnieuws? Schrijf je dan hier in voor onze wekelijkse nieuwsbrief met maandagochtend om 09.00 de top 5 artikelen. Abonneren op Bicycling magazine of losse nummers kopen doe je in onze shop!
In Nederland wordt het grootste deel van de mountainbikeroutes onderhouden door vrijwilligers. Zij besteden samen duizenden uren per jaar aan het aanleggen, herstellen en verbeteren van trails. Bedenk goed: een route ligt er niet vanzelf strak bij. Zeker na langdurige regen kunnen remsporen, diepe geulen en kapotte bochten extra werk opleveren. Gelukkig hoef je geen trailbouwer te zijn om een steentje bij te dragen. Met drie simpele regels help je al mee om routes langer in goede staat te houden.
1. Check of de route open is
De belangrijkste regel is meteen de eenvoudigste: is een route afgesloten, respecteer dat dan. Trailcrews en terreinbeheerders sluiten delen van een route niet voor niets af. Soms is de ondergrond te kwetsbaar, soms zijn er onderhoudswerkzaamheden bezig. Controleer daarom voor vertrek altijd de actuele informatie van de route of de terreinbeheerder.
2. Laat je banden het werk doen
Een natte trail vraagt om een iets andere rijstijl. Probeer soepel te rijden, kijk verder vooruit en rem minder abrupt. Vooral blokkerende achterwielen kunnen remkuilen veroorzaken die later weer gerepareerd moeten worden. Goed leren remmen is daarom niet alleen veiliger, maar helpt je ook om gecontroleerder over de trail te rijden.
Dat betekent niet dat je niet mag genieten van een modderige rit. Een beetje modder hoort bij mountainbiken. Maar als je merkt dat je banden diepe sporen trekken of dat de ondergrond echt wegzakt, is dat misschien een teken dat de trail nog niet klaar is voor veel verkeer.
3. Sla soms een rondje over
Misschien wel de lastigste regel voor fanatieke mountainbikers: soms is niet fietsen de beste keuze. Na langdurige regen of juist extreme droogte kan een route extra kwetsbaar zijn geworden. Een paar dagen wachten kan dan al veel verschil maken. Gelukkig hoef je niet stil te zitten. Pak de gravelbike, maak een rit op de weg of kies een route met een steviger ondergrond.
Mountainbiken draait uiteindelijk niet alleen om de mooiste lijnen rijden, maar ook om ervoor zorgen dat die lijnen er volgende week nog steeds liggen. En daar heeft iedere mountainbiker, vrijwilliger of niet, een eigen aandeel in.














