Ode aan de seingevers in koers
Photo by louis tricot on Unsplash

En ergens, uren voor de koers daar passeert, begint het met een bijna absurd simpele briefing. Iemand wijst naar een kruispunt, een landweg, een afslag die je normaal gedachteloos voorbijrijdt. “Daar is de N-weg waar ze vandaag komen. Tweehonderd man of vrouw, zo rond de 70 kilometer per uur. Die moeten daar in.” De vinger schuift naar een weggetje dat vier keer zo smal oogt. Een halve aarzeling, een knikje misschien. “Hier is je vlaggetje. Succes.”
Soms gaan dingen mis in koers. Soms zó mis dat iedereen zegt "Hoe is het mogelijk!". Zoals bij de vrouwen in Strade Bianche, waar een kopgroep verkeerd reed. Of bij de mannen in Milaan-San Remo, waar verwarring ontstond door begeleiding en positionering van de karavaan. En dan was daar die inmiddels legendarische zin uit De Reconstructie: “De kopgroep rijdt momenteel tien seconden achter het peloton.” Een moment waarop ploegleiders het niet eens meer konden uitleggen en alleen nog konden lachen.
Maar achter die zeldzame chaosmomenten, waarin motards en koersauto’s soms een steek laten vallen, staat een groep die bijna nooit genoemd wordt. Niet in analyses, niet in nabeschouwingen, niet in statistieken. De seingevers. Zo beknopt als hierboven zal de briefing misschien niet zijn, maar op het oog op tv lijkt het soms wel zo.
>>> Wil je op de hoogte blijven van het belangrijkste fietsnieuws? Schrijf je dan hier in voor onze wekelijkse nieuwsbrief met maandagochtend om 09.00 de top 5 artikelen.
De mens achter het vlaggetje
Soms zie je ze pas laat. Vanuit je luie zetel. Een camerashot langs de kopgroep en ergens in de verte beweegt iets fluorescerends. Een vlaggetje dat op en neer gaat. Eerst lijkt het willekeurig, tot je dichterbij komt en ziet dat het ritme heeft. Bijna een choreografie. Nog dichterbij zie je de persoon. Niet altijd veilig achter een paaltje, soms er pal voor. Soms midden op een wegversmalling, soms op een plek waar jij nog niet eens zou durven stilstaan, laat staan een peloton van tweehonderd renners op volle snelheid langs je heen sturen. Even tweehonderd raketten in de juiste baan houden. Als je er echt bij stilstaat, is het uitzonderlijk wat ze doen.
Waarom ze daar staan
Het lijkt soms roekeloos, maar dat is het niet. Een seingever die veilig aan de kant staat maar niet zichtbaar is, heeft geen functie. Zichtbaarheid is alles. Dus staan ze waar ze móeten staan. In de lijn van de renners, in hun blikveld, op het randje van wat comfortabel voelt. Want een renner in koers ziet weinig. Tunnelvisie is geen cliché, het is realiteit. Het wiel voor je, de rug van je voorganger en hooguit een flits van wat ernaast gebeurt. Daar moet je als seingever doorheen breken. Met kleur, met beweging, met geluid. Niet subtiel, maar duidelijk.
Dansen met gevaar
En dus ontstaat die soms vreemde dans. Vlag omhoog, arm naar links, stap naar voren, fluit erbij. Het is geen toeval, het is communicatie onder extreme omstandigheden. Zonder woorden en zonder tijd om na te denken. Terwijl wij kijken naar wattages, tactiek en sprinttreinen, staan zij daar. Op de rand van het asfalt of verkeerseiland, op de rand van controle en chaos.
De stille ruggengraat van de koers
We onthouden de winnaars, we analyseren de verliezers en we lachen om de fouten. Maar zelden staan we stil bij de mensen die voorkomen dat fouten rampzalig worden. Aan iedereen in een fluoriserend hesje langs het parcours: sta waar je staat, dans waar je danst en fluit waar je fluit. Want jullie leiden de koers (vrijwel altijd) in de juiste richting.












