Ramon Sinkeldam: ‘Gravel is koers, maar dan met lol’
Alex Roszko - Pinarello

Van lead-out in de Tour naar barbecueën in Kansas. Ramon Sinkeldam verruilde het strakke profbestaan voor het vrije gravelbestaan – en won meteen zijn eerste koers.
Ramon Sinkeldam (36) is officieel geen wegprof meer, hij is nog altijd best druk. Ook met fietsen. De afspraak voor dit interview, vlak voor de Tour de France, was een beetje strak gepland. In de ochtend stond eerst een afscheidsritje op het programma voor Cees Bol, die met Astana naar de Tour zou gaan. Geen gezapige koffierit, maar 175 kilometer op een dag dat het 35 graden – en meer – zou worden, maar dat deerde niemand. Samen met hardrijders als Laurens ten Dam, Niki Terpstra en natuurlijk Sinkeldam zelf. Cees wilde nog één keer ‘op niveau fietsen’, vertelt Sinkeldam later, fris gedoucht, thuis aan de keukentafel in Assendelft. ‘Al waren we wel gekookt.’ Later die dag wacht nog een overleg over zijn podcast Beyond the Kom, die hij maakt met oud-collega Lars van den Berg. En ook in het huishouden wordt nog wat van hem verwacht. Stilzitten? Nee, daar is het nog niet van gekomen.
>>> Dit interview verscheen eerder in Bicycling Magazine, de Gravel & Bikepacking special 2025! Wil je nu al meer van dit? Abonnee worden kan hier! Los dit laatste nummer bestellen kan ook, dat doe je hier.
Vrije vogel
Na een loopbaan als sprinter en lead-out bij Giant-Shimano, Groupama-FDJ en Alpecin-Deceuninck, volgde Sinkeldam onbewust het pad van streekgenoot en trainingsmaatje Laurens ten Dam. ‘Die zit ook niet stil, misschien is hij zelfs wel drukker dan toen hij prof was. Ik ben van het ene in het andere gerold. Vorig jaar juni kondigde ik mijn afscheid aan, al wist ik dat zelf al langer. Ik ben er trots op dat ik tot de laatste dag de moraal had om alles te geven en dat ik het niet op een bepaald moment voor gezien heb gehouden. Fysiek ben ik nog goed genoeg, ik had mijn carrière op de weg nog wel even kunnen verlengen. Maar ik heb ook een gezin thuis. Mijn vrouw heeft al die jaren alles opgevangen hier. En dus hebben we samen besloten dat het genoeg was.’ Toch fietst hij nog steeds veel. ‘Het blijft een verslaving. Maar ik fiets wel minder dan voorheen en ook lang niet zo gestructureerd. Dat was tijdens mijn loopbaan mijn kracht. Altijd aan staan, altijd op vijfennegentig procent. Dus nooit honderdtien en dan weer een paar weken zeventig. Ik was gewoon heel planmatig en deed wat ik moest doen. Dat wisten ze thuis ook: als er iets in het weekend was, sorry, maar dan was ik er vaak niet bij. Dat is nu anders en dat vindt mijn vrouw helemaal niet erg.’
© Alex Rozsko - PinarelloIn tenue oogt Sinkeldam nog altijd als een prof. ‘Ik ben hartstikke fit. Na mijn laatste seizoen heb ik hetzelfde gedaan als altijd: een korte winterstop en dan weer volle bak trainen. Maar nu richtte ik me niet op de klassiekers, maar op Unbound. Dat was mijn piek voor 2025.’ Hij zocht naar sponsors, maar een sluitende begroting kreeg hij niet voor elkaar. ‘Ik word gesponsord door Pinarello, maar niet als prof. Ik krijg de fietsen in bruikleen, that’s it. De rest betaal ik allemaal zelf. Dus het gravelen is daardoor nu toch vooral een hobby. Best gek eigenlijk: ik train veel, maar verdien er niks mee. Aan de andere kant geeft het me ook vrijheid: niemand dwingt mij om dit te doen, dus ik kan met een gerust hart een keer een training overslaan. Maar soms voelt het alsof ik nog wielrennertje speel.’
Ook zijn andere projecten leveren tot nu toe nog weinig geld op. De YouTube-serie Beyond the Kom heeft nog niet de kijk- en luistercijfers of de sponsors van bijvoorbeeld Ten Dam. En de Alkmaarse wieler- en koffiezaak Chur, waarin hij investeerde, moet nog groeien. ‘De agenda van Mats, mijn vriend die de zaak runt en aan fietsen sleutelt, wordt wel steeds voller. Dus dat is goed. Maar de koffiecorner in de winkel kan nog wel wat aanloop gebruiken.’
Nieuwe doelen
Waar Chur hem weinig in beslag neemt, slokt Beyond the Kom juist veel tijd op. ‘Lars en ik willen er in de toekomst echt iets van maken. Nu is het nog vooral investeren, in tijd en geld. Tijdens de Tour blikten we dagelijks terug op de etappe, in het voorjaar hadden we steeds wisselende gasten die een aanval deden op hun favoriete KOM of QOM. Dat was super, we hebben toen veel leuke video’s gemaakt. Dus dat format willen we er in de toekomst wel inhouden.’ Sinkeldam denkt dat er, juist op YouTube, ruimte is voor zoiets als dit. ‘De mannen van Tour de Tietema deden het heel goed, maar richten zich nu vooral op hun ploeg. Daarmee laten ze een gat achter, dat wij een beetje proberen te vullen.’ Of het zijn werk wordt, kan hij nog niet zeggen. ‘Ik heb gelukkig geen haast. Het liefst ga ik iets doen wat ik leuk vind én wat goed te combineren is met het gezinsleven. Zoals het nu ook is, eigenlijk. Goede kans dat er iets voorbij komt waarvan ik denk: ja, dat is het.’
Voorlopig is Sinkeldam, na dertien jaar op WorldTour-niveau, hobby-gravelaar. ‘Ik had het wel in mijn hoofd, maar niet groots aangekondigd. Ik heb gepraat met mogelijke partners, maar het lukte uiteindelijk niet om gravelprof te worden. Na corona kon alles, er was geld genoeg. Nu worden budgetten geknepen. Jammer voor mij, maar ik wilde het sowieso proberen, tot Unbound in elk geval. En als het daar goed zou gaan, dan misschien ook nog tot het WK.’
Het ging goed. Sterker nog, hij werd knap zesde in Unbound en won in de week daarvoor ook nog Gravel Locos. ‘Ik hoorde tijdens de trainingsrondjes met Laurens en Niki natuurlijk wel de verhalen. Ik had al vaak gezegd dat ik naar Amerika wilde om dat mee te maken. Mijn beste vriend Boy. die geen wielrenner is maar met wie ik wel veel fiets, zei opeens: ik ga wel met je mee. Ik dacht: dat zal wel, dus reageerde niet echt. Maar hij bleef het herhalen, dus toen zijn we het gaan doen. Die trip werd eigenlijk een soort vakantie van twee weken. We hebben er een video van gemaakt. Ook die staat op ons kanaal.’
Relaxter
De reden van het succes in Amerika? ‘Ik heb natuurlijk niet voor niets dertien jaar WorldTour in de benen’, zegt Sinkeldam. Dus ik kan wel wat. En al die ervaring en hardheid neem je ook mee. Als je mij vraagt of ik een goede wielrenner ben, zeg ik dat ik niet de beste ben. En dat is natuurlijk ook zo, als je mij vergelijkt met Pogacar of Mathieu van der Poel. Maar vergeleken met al die anderen die op niveau fietsen, ben ik wel degelijk een topper. Misschien ging het ook zo goed omdat ik ontspannen was, ik had minder het gevoel dat het moest. Ik heb die twee weken in de VS ook heel relaxed gedaan. Vier keer trainen in plaats van zes, lekker barbecueën, een biertje, naar het honkbal. We hebben niks gelaten.’
Sinkeldam ging zonder gravelervaring naar de VS, maar wel met vertrouwen en zonder een spoortje twijfel. ‘Ik kom uit het veldrijden en heb van jongs af aan goed leren sturen. Daardoor kan ik op snelheid rijden zonder risico's te nemen. Ik ga niet onbesuisd over al die stenen heen, waardoor ik ook minder snel lek rijd. ‘Bovendien heb ik die strandraces in Egmond gereden (Sinkeldam won al eens), dus ik weet dat ik hard kan fietsen.’
Toppers aan de start op Gravel Locos
Gravel Locos was de test. ‘Er stonden een paar toppers aan de start. Dat ik die klopte, gaf natuurlijk toch een heerlijk gevoel. Het was snikheet, en dus niet makkelijk om zo’n zware inspanning te leveren. Maar ik zat wel meteen mee van voren en kon nog wat extra geven toen dat nodig was.’ Bij Unbound wachtte de wereldtop. Hij had zijn strijdplan afgestemd op de bekendste namen: ‘Als ik maar bij mannen als Petr Vakoc, Peter Stetina en Keegan Swenson in de buurt kon blijven, zat ik wel goed.’ Maar de Nieuw-Zeelander Cameron Jones en de Zwitser Simon Pellaud ontsnapten vroeg, en hoe hard en georganiseerd er daarachter ook gejaagd werd, de twee kwamen nooit meer in zicht. ‘260 kilometer met z’n tweeën op kop, dat kan eigenlijk niet. Ze hadden een buggy mee die hen begeleidde, goede kans dat ze daar profijt van hadden. Het gaf wel een beetje een wrange bijsmaak. Zeker omdat ik een goede finale reed en me kon meten met de besten. Het maakte me in elk geval trots dat ik zesde werd.’
De romantische kant van gravel
Het niveau van Unbound, maar ook van het aanstaande WK, stijgt elk jaar. ‘Het is mega-, megahoog. Echt niet meer te vergelijken met drie, vier jaar geleden. Dat zie je ook aan de tijden, elk jaar is er weer een nieuw parcoursrecord. Nu waren we ook weer een half uur sneller.’ Toch ziet Sinkeldam dat de avontuurlijke en romantische kant van gravelen ‘oude stijl’ een beetje aan het verdwijnen is. ‘Er vormen zich steeds meer teams, jongens in hetzelfde shirt. Zij rijden weliswaar nog niet samen, maar dat gaat niet lang meer duren. Als ze op een gegeven moment voor elkaar gaan rijden, gaat de charme er wel een beetje af. Het is juist zo mooi dat iedereen nu nog zijn of haar eigen verantwoordelijkheid neemt. Dat bevalt me wel.’




