Zien, snappen, besluiten, knijpen

Reactietijd op de fiets: zoveel meter rijd je door

Praat mee!

Getty Images

Getty Images

Ik had net iets leuks meegemaakt. Wat precies doet er niet meer toe, maar ik was er zo vrolijk van dat ik zin had om hard te fietsen. Vol gas een brug op, en aan de andere kant nog harder naar beneden. En terwijl ik daar in mijn eigen tunnel van blijdschap en lichaamsstoffen vloog, kwam er van rechts een elektrische fiets aan. Trage beweging, hoge snelheid. Mijn hersenen rekenden dat verkeerd en ja hoor: bam. We knalden schuin tegen elkaar met precies dezelfde vaart, en lagen een tel later ook nog eens precies hetzelfde op de grond. Niks aan de hand. Afkloppen, hand geven, alles oké.

>>> Wil je op de hoogte blijven van het belangrijkste fietsnieuws? Schrijf je dan hier in voor onze wekelijkse nieuwsbrief met maandagochtend om 09.00 de top 5 artikelen. Abonneren op Bicycling magazine of losse nummers kopen doe je in onze shop!

Pas later, weer op de fiets, kwam de vraag die me sindsdien niet meer loslaat: hoe lang had ik precies staan denken voordat mijn handen iets deden?

Het sommetje is meedogenloos

Je stopafstand bestaat uit twee stukken. Eerst de meters waarin je nog niets doet, daarna de meters waarin je remt. Dat eerste stuk is geen kwestie van techniek of moed, maar van vermenigvuldigen.

Bij een simpele handeling reageert een mens in ongeveer 0,2 seconde. In het verkeer zit je al snel op 1,0 seconde, want daar moet je eerst zien, dan begrijpen, dan besluiten en dan pas knijpen. Vier stappen, en alle vier kosten ze tijd.

Vermenigvuldig dat met je snelheid en je krijgt dit:

Reactietijd

20 km/u

25 km/u

30 km/u

0,2 sec (labtest, jij bent nooit zo)

1,1 m

1,4 m

1,7 m

0,5 sec (je zag het aankomen)

2,8 m

3,5 m

4,2 m

1,0 sec (gewoon verkeer)

5,6 m

6,9 m

8,3 m

1,5 sec (moe, of net je scherm gecheckt)

8,3 m

10,4 m

12,5 m

Acht meter. Dat is ongeveer twee auto's achter elkaar, en dat zijn de meters waarin je nog helemaal niets doet. Daarna begint het remmen pas.

En de onderste rij: ruim vier meter extra omdat je even moe was. Vier meter is bij die kruising in mijn dorp precies het verschil tussen een verhaal en een aangifte.

En mijn leeftijd dan?

Dat was natuurlijk mijn eerste gedachte na die bestelbus. Vijfendertig, oud genoeg om het aan mijn leeftijd te wijten en jong genoeg om dat belachelijk te vinden.

Ik ben het gaan opzoeken en ik kan je geruststellen, al is het om de verkeerde reden: een betrouwbare tabel met reactietijden per leeftijd bestaat niet. Wat je vindt zijn online klik-testjes en pagina's van hersentrainingsapps, en die meten je muis, niet je fietsen. Iedereen die je vertelt dat een vijftiger precies zoveel milliseconden trager is, verzint het ter plekke.

Wat wel vaststaat is de richting: je reactietijd piekt rond je twintigste en wordt daarna geleidelijk iets trager. Geleidelijk, en iets. Niet het soort achteruitgang dat je van de ene op de andere kruising overvalt.

De SWOV is er nu serieus mee bezig. In het rapport Een leven lang trappen, deel één van een driedelig onderzoek naar oudere fietsers, staat dat er bij complexe situaties zoals kruispunten meerdere beperkingen tegelijk kunnen meespelen. En daarbij, ronduit eerlijk, dat er nog weinig direct onderzoek is dat die beperkingen koppelt aan echt ongevalsrisico.

Oftewel: de vraag die ik me na die bestelbus stelde, wordt op dit moment pas onderzocht.

Wat je veel meer kost dan je geboortejaar

Dit is het bruikbare deel. Leeftijd doet er geleidelijk een beetje bij. Deze vier doen er veel meer bij, en ze gelden voor iedereen.

Afleiding. Met een telefoon in je hand reageer je niet, hoe snel je zenuwstelsel ook is. Dat is sinds 2019 verboden en het is bovendien het domste wat je met die tabel hierboven kunt doen.

Vermoeidheid. Na vier uur rijden reageer je trager dan na vier minuten. Het vervelende is dat je dat zelf het slechtst merkt, want vermoeidheid verzwakt ook precies het orgaan waarmee je vermoeidheid zou moeten vaststellen.

Donker. Je reageert niet op wat je niet ziet, en je ogen hebben minstens vijf minuten nodig om aan het donker te wennen.

Verwachting. De grootste van de vier, en de enige die gratis is. Die 1,0 seconde geldt voor iets wat je niet zag aankomen. Denk je bij die uitrit vooraf "die gaat rijden", dan zit je eerder rond de 0,5. Dat scheelt je vier meter zonder dat je ook maar iets aan je lijf hoeft te veranderen.

Vier meter. Voor de prijs van even nadenken. Ik heb ooit 1.400 euro betaald voor wielen die me minder opleverden.

Wat betekent dit voor jou

  • Handen bij de remmen zodra je een dorp in rijdt. Op de bovenkant van het stuur zit je twee handelingen van je rem af. Dat kost je meer meters dan tien jaar ouder worden.
  • Anticipeer hardop. Klinkt idioot, werkt wel. Zeg in je hoofd wat er kan gebeuren. Je verkort je reactietijd door de beslissing vooruit te nemen.
  • Twee kilometer per uur inleveren waar het onoverzichtelijk is. Kost je vrijwel niets op je gemiddelde en levert je een meter op.
  • Die telefoon: weg. De duurste seconde van je hele rit is de seconde waarin je naar je scherm keek. De tabel staat hierboven, reken zelf maar.
  • En maak je niet te druk om je geboortejaar. Zoals we eerder zagen in ouwe lullen versus jonge honden, verklaart leeftijd in deze sport veel minder dan iedereen denkt. Meer praktische tips staan in onze rubriek fietsen en spullen.

Ik heb jarenlang mijn wattages op twee decimalen bijgehouden en nooit één seconde nagedacht over waar mijn handen zaten als ik een dorp in reed.