Strade Bianche

Totale wielergekte op Le Tolfe: waar Strade Bianche even op Alpe d’Huez lijkt

CYCLOsportive

CYCLOsportive

Zaterdag stond ik op Le Tolfe. Voor wie Strade Bianche een beetje kent: je weet meteen waar ik het over heb. Voor wie het niet weet: Le Tolfe is een van die iconische gravelstroken in de finale van de koers, waar het peloton twee keer langskomt en waar de wedstrijd altijd nét een beetje meer leeft dan elders langs het parcours.

Wat deze strook zo bijzonder maakt, is de sfeer. Niet alleen omdat het Toscaanse gravel er prachtig bij ligt, maar vooral omdat hier duizenden wielerfans samenkomen om de koers van heel dichtbij te beleven.

>>> Wil je op de hoogte blijven van het belangrijkste fietsnieuws? Schrijf je dan hier in voor onze wekelijkse nieuwsbrief met maandagochtend om 09.00 de top 5 artikelen.

Toen Tadej Pogačar voorbij kwam, was de koers eigenlijk al lang beslist. Maar dat maakte het publiek werkelijk niets uit. Integendeel. Het voelde alsof de finale van de Tour hier werd gereden.

Bocht 7, maar dan op gravel

Wie ooit bij Tour de France op Alpe d’Huez heeft gestaan, kent het fenomeen: bocht 7. De plek waar de menigte zo dicht op de renners staat dat er nauwelijks ruimte overblijft voor fietsers, ploegwagens en motoren.

Op Le Tolfe gebeurt precies hetzelfde. Er blijft een smalle doorgang over waar renners, motoren en auto’s zich doorheen wurmen. En toch, wonder boven wonder, gaat het eigenlijk altijd goed. Op het laatste moment wijkt het publiek uit. Net op tijd. Altijd net genoeg. Tenminste, meestal.

Van criticaster naar deelnemer

Thuis op de bank heb ik die gekke wielersupporters langs het parcours vaak vervloekt. Je kent ze wel: de fans die bijna op het asfalt staan, die meelopen naast de renners, die lijken te vergeten dat er ook nog een wedstrijd bezig is.

Maar ga er zelf maar eens tussen staan.

Het begint met het geluid van de motoren in de verte. Dan het steeds harder wordende gezoem van de helikopter boven het Toscaanse landschap. Het geroezemoes van duizenden mensen verandert langzaam in een muur van geluid.

En ineens gebeurt het: je wordt er zelf onderdeel van. Je schreeuwt, juicht, brult. Net als iedereen om je heen.

Sorry Wout. Sorry Bauke.

Het is pure adrenaline. Pure wielergekte. Dus ja: sorry Wout Poels, als ik ervoor gezorgd heb dat je aan één kant misschien wat minder goed kunt horen. En sorry Bauke Mollema dat ik je een klein zetje gaf toen je voorbij kwam.

Al is de kans groot dat dat duwtje er juist voor zorgde dat je nét niet bij de bezemwagen terechtkwam en zo jouw laatste Strade Bianche kon finishen.

Liefde voor de koers

Wat het mooiste is aan Le Tolfe, is dat iedereen wordt aangemoedigd. Natuurlijk krijgt de winnaar het grootste applaus. Maar de nummer laatst krijgt bijna net zo veel.

Iedere renner die voorbij komt, wordt gedragen door het publiek. Of je nu vooraan rijdt of ergens achter in het peloton bungelt. Dat is misschien wel de essentie van de koers.

Het gaat niet alleen om winnen. Het gaat om strijd, afzien, karakter. En om duizenden fans langs een Toscaanse gravelstrook die dat allemaal van een paar meter afstand meemaken. Paar meter, paar centimeter!

Wielrennen zoals het bedoeld is

Le Tolfe is chaos. Luidruchtig. Overvol. En misschien soms een beetje te gek. Maar het is ook wielrennen zoals het bedoeld is. Dicht op de renners. Stof in de lucht. Het geluid van duizenden stemmen die samensmelten tot één groot gejuich. Totale gekte op Le Tolfe.

En stiekem wil je er volgend jaar gewoon weer staan bij Strade Bianche.

Video

Totale wielergekte op Le Tolfe: waar Strade Bianche even op Alpe d’Huez lijkt