Vloekend en tierend naar de top van de Grossglockner!
© Getty Images

Het is een prachtige dag in juni als ik in het Oostenrijkse Zell am See op de fiets stap om een indrukwekkende berg van mijn bucketlist te strepen. De Grossglockner is een mythische klim. De aanloop naar Fusch, waar de klim start, is vriendelijk. Maar als de klim echt begint, zullen de meeste fietsers al snel naar de lichtste tandjes moeten schakelen.
Een klim van formaat
Zoek je op climbfinder de klim op dan zie je vooral rode blokken en percentages van rond de 10% over een lengte van meer dan 20 kilometer. Met een gemiddeld stijgingspercentage van 8,3% is dit een pittig colletje!
Luisteren naar het stemmetje
De stijgingspercentages schieten bij mij dan ook in één ruk naar mijn vollopende benen. Mijn hersenen protesteren en geven een signaal door: ‘Kerel, niet stoer door blijven stampen, pak de Grossglockner met fluwelen handschoentjes aan en deel de klim goed in!’ Ik besluit voor de verandering eens te luisteren naar het stemmetje in mijn hoofd. Tak tak tak en de ketting ligt op de lichtste versnelling.
Zwoegen met uitzicht
Op de lichtste versnelling naar boven, betekent niet dat ik fluitend omhoogklim. Het blijft een zware rot klim. Hijgend en zwijgend fiets ik verder. Onderweg genietend van het natuurschoon. Want hoewel de Grossglockner met zijn 1754 hoogtemeters en finish op 2572 meter hoogte een pittig stukje asfalt is, is het uitzicht de hele rit fabelachtig.
Onverwacht gezelschap
Maar dan hoor ik geluiden. Geen geluid van hijgende en zwoegende lotgenoten op de fiets. Geen geluid van krakende cassettes en kettingen die onder hoogspanning op zoek zijn naar een nog kleiner tandwiel. Nee, als ik achteromkijk, komen twee dames op een mountainbike steeds dichterbij. Ik voel mij steeds slechter worden.
De ontmaskering
Met alle respect, maar 2 dames, op een mountainbike, op dikke banden, alsof het geen enkele inspanning kost, zitten al keuvelend, lachend en zonder moeite in mijn wiel! Ik kijk achterom en ze groeten vriendelijk. Geen enkel spoor van inspanning, geen zweetdruppel te bespeuren. Wat is hier aan de hand!, gaat het door mijn hoofd, hoe kan dit?!
Een raadsel opgelost
Ik begin kostbare energie verspillen om het raadsel op te lossen. Mijn benen luisteren even niet meer naar het stemmetje in mijn hoofd. Ik moet deze dames kwijt zien te raken. In mijn wiel oké, maar keuvelend over koetjes en kalfjes? Nee, dat kan ik niet aan. Ik, die hier op de top van mijn kunnen een mega-inspanning aan het leveren ben.
Opkomst van de e-bike
Maar, ik los de dames niet, sterker nog. Ze komen mij voorbij! En dan zie ik het, ze fietsen beiden op een elektrische mountainbike! WTF! Roep ik uit. Ja, sorry verontschuldigen ze zich en fietsen moeiteloos bij mij weg. Het is mijn eerste ervaring met een e-bike. Vloekend en tierend in mijn hoofd (altijd netjes blijven) fiets ik door. Aan de ene kant vind ik het oneerlijk. Een beklimming moet pijn doen. Aan de andere kant verlang ik stiekem ook naar wat extra 'gratis' wattages. Maar het gaat wel malen in mijn hoofd. ‘Heeft Strava al een klassement voor e-bike? Hoeveel fietsers met mechanische doping staan er op de lijst?’ In 2017 (want zolang is het geleden) was een e-bike nog een zeldzaamheid. Inmiddels zie je ze vooral in de Alpenlanden steeds vaker. De e-bike is niet meer weg te denken uit het prachtige berglandschap.
Vlak onder de top passeer ik het terras van restaurant Fuschertörl, de dames zwaaien vriendelijk, ik steek mijn hand op en fiets door. Zwoegend, moer en voldaan bereik ik de top. Toch nog eerder dan de dames op de e-bike!




