In Flanders Fields 2026: Voorbeschouwing vrouwen elite
Getty Images - Tim de Waele

Op zondag 29 maart staat niet alleen de mannenwedstrijd van In Flanders Fields op het programma, maar ook de vrouweneditie van deze Vlaamse klassieker. De koers stond jarenlang bekend als Gent-Wevelgem voor vrouwen, maar draagt vanaf 2026 dezelfde naam als de mannenwedstrijd. De wedstrijd maakt deel uit van de UCI Women’s WorldTour en is een vaste afspraak in de Vlaamse voorjaarsweek.
Hoewel het profiel vaak wordt gezien als een sprintersklassieker, leert de geschiedenis dat de koers veel meer vraagt dan alleen snelheid. Wind, onverharde stroken en de steile Kemmelberg zorgen er regelmatig voor dat de wedstrijd al ver voor de finish openbreekt.
Geschiedenis van de vrouwenwedstrijd
De vrouweneditie van In Flanders Fields bestaat nog relatief kort, maar heeft zich inmiddels stevig op de kalender genesteld. De wedstrijd werd voor het eerst georganiseerd in 2012 en groeide snel uit tot een belangrijke klassieker in het voorjaar.
De laatste jaren waren de sprinters vaak aan het feest. Zo won Lorena Wiebes zowel in 2024 als 2025 na een sprint in Wevelgem, voor onder meer Elisa Balsamo en Charlotte Kool.
Toch is een sprint nooit gegarandeerd. De combinatie van wind, plugstreets en hellingen heeft al vaker geleid tot een uitgedund peloton of een kleine kopgroep zoals in 2022. Toen won Elisa Balsamo de vrouweneditie van Gent-Wevelgem Women na een sprint van een kleine kopgroep van vier rensters. Zij versloeg onder meer Marianne Vos en Katarzyna Niewiadoma. Ook een solo is niet uitgesloten bewees Chantal van den Broek-Blaak in 2020.
Het parcours van In Flanders Fields Vrouwen 2026
De vrouwenwedstrijd telt in 2026 ongeveer 135 kilometer en start en finisht in Wevelgem. De startplaats verschilt daarmee van de mannenwedstrijd, omdat de UCI voor vrouwenkoersen een kortere maximale afstand hanteert.
Na de start trekt het peloton door historische plaatsen zoals Zonnebeke, Langemark-Poelkapelle en Ieper, regio’s die sterk verbonden zijn met de geschiedenis van de Eerste Wereldoorlog.
Daarna volgen de typische ingrediënten van deze klassieker:
- drie plugstreets (onverharde stroken)
- meerdere hellingen in Heuvelland
- passages over onder meer Monteberg, Scherpenberg, Baneberg en Kemmelberg
Vanaf de plugstreets delen de vrouwen grotendeels dezelfde finale als de mannen, met een technische en nerveuze slotfase richting Wevelgem.
Sleutelpunten in de koers
Het verloop van de vrouwenwedstrijd lijkt in veel opzichten op dat van de mannenkoers. Wind in het open landschap, de nervositeit op de plugstreets en de passage over de Kemmelberg zorgen ook hier vaak voor selectie in het peloton.
Toch zie je in de finale een duidelijk verschil met de mannenwedstrijd. Bij de mannen blijven na de Kemmelberg vaak kleine groepjes over. Bij de vrouwen komt het de laatste jaren na de laatste helling juist vaker weer samen en mondt de koers regelmatig uit in een sprint van een groter peloton. Dat verklaart ook waarom Lorena Wiebes als meer pure sprintster hier vaak kunnen winnen.
Winnaressen eerdere edities
2025 – Lorena Wiebes
De koers bleef grotendeels onder controle van de sprintploegen. Na de laatste passage van de Kemmelberg kwam een grotere groep samen richting Wevelgem. In de finale draaide het daardoor uit op een sprint van een omvangrijke groep. Wiebes was daarin duidelijk de snelste.
2024 – Lorena Wiebes
Ook in 2024 eindigde de koers in een sprint van een groter peloton. Verschillende aanvallen in de heuvelzone zorgden wel voor selectie, maar niemand wist echt weg te blijven. In de sprint toonde Wiebes opnieuw haar topsnelheid. Ze versloeg onder meer Elisa Balsamo en Charlotte Kool.
2023 – Marlen Reusser
De editie van 2023 werd beslist door een sterke solo van Reusser. De Zwitserse viel aan na de laatste passage van de Kemmelberg en reed alleen naar de finish. Achter haar slaagden de achtervolgers er niet in het gat te dichten. Zo won Reusser overtuigend solo.
2022 – Elisa Balsamo
In 2022 ontstond in de finale een kleine kopgroep na de Kemmelberg. Vier rensters bereikten samen de finish in Wevelgem. In de sprint bleek wereldkampioene Balsamo de snelste. Ze versloeg onder meer Marianne Vos.
2021 – Marianne Vos
De koers kwam in 2021 uit op een sprint van een grotere groep. Na verschillende aanvallen in de finale bleef een groot deel van het peloton samen richting Wevelgem. In de sprint was Vos duidelijk de snelste. Het was haar tweede overwinning in deze klassieker.
2020 – Chantal van den Broek-Blaak
Won in 2020 na een late aanval. Ze reed weg uit een kleine kopgroep in de finale en wist het peloton achter zich te houden. De Nederlandse kwam solo aan in Wevelgem. Daarmee behaalde ze een van haar grootste klassiekerzeges.
Grote namen en kanshebbers aan de start
Natuurlijk is Lorena Wiebes de voorlopige favoriet. De Nederlandse geldt als een van de snelste rensters in het peloton en won deze klassieker in 2024 en 2025. In een sprint is ze simpelweg moeilijk te kloppen, zeker als ze de Kemmelberg zonder al te veel schade overleeft. Ook Lotte Kopecky is een naam om rekening mee te houden. De Belgische voelt zich uitstekend op Vlaamse wegen en pakte recent haar eerste overwinningen van het seizoen in Nokere Koerse en als klap op de vuurpijl ook Milaan Sanremo. Kopecky kan deze wedstrijd op meerdere manieren winnen: vanuit een aanval, een elitegroep of zelfs een sprint na een zware koers. Met de breedte van SD Worx-Protime heeft ze bovendien tactisch vaak een streepje voor.
Eleonora Camilla Gasparrini moet ook zeker genoemd worden. Gasparrini is bij UAE Team ADQ een renster die overleeft wanneer de koers hard wordt en vervolgens nog kan sprinten zoals ook bleek haar derde plek in Milaan Sanremo. Ze is niet de allersnelste, maar wel een van de meest complete rensters in dit soort klassiekers.
Daarnaast staat ook Elisa Balsamo aan de start, winnares van de editie van 2022. De Italiaanse combineert een sterke sprint met het vermogen om de hellingen te verteren, wat haar een van de meest complete kanshebbers maakt. In een uitgedunde groep is ze misschien wel de grootste uitdager van Wiebes. Verder is er aandacht voor Marianne Vos, die zich helaas moest afmelden voor Milaan Sanremo vanwege de gezondheid van haar vader. Vos won deze klassieker al in 2021 en weet als geen ander hoe ze zich moet positioneren in nerveuze finales.
Chiara Consonni behoort ook tot de snelle vrouwen om in de gaten te houden. Ze werd in 2024 derde in Gent-Wevelgem en bewees daarmee dat dit parcours haar ligt. Haar sprint is sterk, maar haar echte kans ligt in een kleinere groep waarin positionering doorslaggevend wordt. Nienke Veenhoven is een interessante naam voor de toekomst. De sprintster van Visma-Lease a Bike ontwikkelt zich snel en liet al zien dat ze kan meedoen in snelle finales. Voor een klassieker als deze is ze nog geen topfavoriet, maar onderschatten is gevaarlijk.
Silvia Persico is een renster die goed uit de voeten kan op dit type parcours. De Italiaanse van UAE Team ADQ klimt sterk op korte hellingen en kan daardoor de Kemmelberg waarschijnlijk goed verwerken. Als de koers zwaar wordt en de pure sprinters lossen, schuift zij automatisch naar voren. Tot slot kan ook Charlotte Kool een rol spelen, al hangt haar kans sterk af van het koersverloop. In een grote groep is ze een van de snelsten, maar als de wedstrijd hard wordt gemaakt op de hellingen of in de wind, wordt het een stuk lastiger.
Wat deze editie opnieuw interessant maakt: In Flanders Fields is zelden een simpele sprint. De wind in De Moeren, de passage over de Kemmelberg en de voortdurende strijd om positie zorgen ervoor dat alleen de sterkste sprinters of klassieke rensters overblijven. De vraag is dus niet alleen wie de snelste is, maar vooral wie nog kan sprinten nadat de koers al lang begonnen is met slopen.












