Voorbeschouwing: Tour de France Femmes etappe 7
Getty Images

Vrijdag 7 augustus krijgt de Tour de France Femmes voor het eerst in haar nog jonge geschiedenis een aankomst op de Mont Ventoux. Etappe 7, van La Voulte sur Rhône naar de top van de Reus van de Provence, is de koninginnenrit van deze editie. Wie de afgelopen maanden goed klom, mag hier dromen van een plek in de geschiedenisboeken.
>>> Wil je op de hoogte blijven van het belangrijkste fietsnieuws? Schrijf je dan hier in voor onze wekelijkse nieuwsbrief met maandagochtend om 09.00 de top 5 artikelen.
Het parcours
De rit is 144 kilometer lang en telt 3.565 hoogtemeters, meer dan welke andere etappe dan ook in deze Tour. Vanuit La Voulte sur Rhône gaat het via de cols Grande Limite en Colombier en een lint van Vauclusiaanse wijndorpen richting Malaucène en Bédoin. Vanaf Bédoin begint de slotklim: volgens de officiële cijfers 15,7 kilometer aan gemiddeld 8,8%, met de top op 1.910 meter, het hoogste punt van deze Tour. Het is de eerste keer dat het vrouwenpeloton de Ventoux op de fiets ziet tijdens de Tour de France Femmes.
© letourfemmes.fr>>> Lees ook: Kan Zwift je klaarstomen voor de beklimming van de Mont Ventoux?
Bos in, bos uit
Het onderste deel van de klim loopt door dennenbos, dat beschutting biedt. Zodra de boomgrens wordt gepasseerd, zo'n vijf kilometer onder de top, wordt het landschap kaal en stenig, krijgt de wind vrij spel en loopt het percentage weer op naar 9 tot 9,5%, tot aan de col des Tempêtes, letterlijk stormpas, vlak onder de finish. Die naam is geen marketingtruc: op de top is ooit 320 kilometer per uur gemeten, het hoogste windrecord van Frankrijk, en op zo'n 240 dagen per jaar waait het er harder dan 90 kilometer per uur. Of het op 7 augustus daadwerkelijk waait of regent, valt nu nog onmogelijk te voorspellen, maar de kans op wind op het onbeschutte slotstuk is reëel, en in de Provence kunnen in augustus ook plotselinge onweersbuien ontstaan boven de bergen. In de luwte van het bos kan een ploeg de koers nog controleren, boven de boomgrens telt vooral wie alleen, zonder beschutting, het tempo nog kan optrekken.
© letourfemmes.frPuncheurs versus lichtgewichten
Veel klassiekers van dit voorjaar draaiden om korte, explosieve hellingen: de Muur van Hoei in de Waalse Pijl is 1,3 kilometer aan gemiddeld 9,6%. Dat vraagt een paar minuten volle output en een sprintje aan het eind, het domein van de puncheur. De Ventoux vraagt iets anders: bijna drie kwartier op hoog, gelijkmatig tempo, tegen het einde ook nog met wind en hoogte erbij. Dat is de discipline van de lichtgewicht klimmer. Met dat onderscheid in het achterhoofd valt het voorjaar anders te lezen.
>>> Lees ook: Zo word jij een klimgeit: 6 technieken die echt werken
De topfavorieten
Demi Vollering (FDJ United SUEZ) is op basis van de laatste maanden de duidelijkste naam, en een van de weinigen die in beide categorieën scoorde. Ze won dit voorjaar zowel de korte, explosieve Waalse Pijl als de slijtageslag van de Ronde van Vlaanderen, en bevestigde dat met de eindzege in zowel de Vuelta Femenina als de Giro d'Italia Women, waar ze begin juni landgenote Anna van der Breggen op de slotdag versloeg met een aanval op de Colletta di Brondello. Daarmee is ze de tweede renster ooit die alle drie de grote rondes won, en de eerste die in alle drie ook het bergklassement pakte.
Anna van der Breggen (SD Worx Protime) is op basis van uitslagen de zuiverste lichtgewicht klimmer van het stel. Ze stond dit seizoen twee keer op kop van het klassement in een grote ronde en moest die leiding twee keer op de slotdag afstaan: tweede in de Vuelta Femenina na een lange aanval op de Angliru, derde in de Giro na verlies van het roze op de Colletta di Brondello. Haar vermogen om lang op hoog tempo te klimmen staat buiten kijf, de vraag is of ze dat op de beslissende meters kan vasthouden.
Pauline Ferrand-Prévot (Visma | Lease a Bike), titelverdedigster, bewees vorig jaar al dat ze de Tour de France Femmes met bergritten kan winnen. Dit voorjaar liet ze met een tweede plaats in de Ronde van Vlaanderen zien dat haar benen goed zijn. In de Vuelta Femenina ging het minder, met twee minuten verlies op de Alto de Les Praeres, al gaf ze zelf aan bewust beheerst te hebben gereden met het oog op deze Tour.
De overige namen
Een paar andere rensters mogen ook genoemd worden, maar dan vooral op grond van profiel of één opvallend resultaat in plaats van een reeks aan uitslagen. Antonia Niedermaier werd in de Giro tweede, op 34 seconden van Vollering, en is daarmee een bevestigde naam voor de lange klim. Marion Bunel (Visma | Lease a Bike), de 21 jarige ploeggenote van Ferrand-Prévot, finishte als derde in de Vuelta Femenina en past qua profiel beter bij een klimmer dan bij een puncheur. Kasia Niewiadoma (Canyon SRAM Zondacrypto), winnares van 2024 en normaal gesproken een van de sterkste op dit soort klimmen, had een onzichtbaarder voorjaar met een achtste plaats in de Vuelta Femenina, waardoor haar actuele vorm lastiger te plaatsen is dan haar palmares doet vermoeden. Paula Blasi (UAE Team ADQ) won de Amstel Gold Race en werd derde in de Waalse Pijl, beide puncheurswerk, maar won ook de Vuelta Femenina via een aanval op de tien kilometer lange Angliru, en bewees zo als een van de weinigen dat ze beide disciplines aankan. Puck Pieterse (Fenix Premier Tech) was met een derde plaats in Vlaanderen en een tweede in de Waalse Pijl de hele lente bij de besten, maar dat is puncheurswerk van een paar minuten, en of die explosiviteit zich vertaalt naar drie kwartier Ventoux is dit voorjaar nog niet aangetoond.












