Waarom Mathieu van der Poel weigert de smallere stuurtrend te volgen
PRO SHOTS / Zuma Press

Mathieu van der Poel staat bekend als een renner die innovatie niet schuwt. Toch is er één trend in het moderne wielrennen waar de Nederlander bewust níét in meegaat: steeds smallere sturen en naar binnen gedraaide remgrepen.
>>> Wil je op de hoogte blijven van het belangrijkste fietsnieuws? Schrijf je dan hier in voor onze wekelijkse nieuwsbrief met maandagochtend om 09.00 de top 5 artikelen.
Terwijl een groot deel van het peloton kiest voor aerodynamische, smalle cockpits, blijft de kopman van Alpecin-Deceuninck trouw aan zijn vertrouwde brede stuur. “Ik gebruik eigenlijk gewoon het stuur waar ik mijn hele carrière al mee rijd,” vertelde Van der Poel tijdens Tirreno–Adriatico aan Cycling News. “Voor mij voelt het niet eens breed. Het lijkt alleen zo omdat veel andere renners steeds smaller zijn gaan rijden.”
Steeds smallere sturen in het peloton
In de afgelopen jaren is er een duidelijke trend ontstaan richting smallere sturen. Dat heeft vooral met aerodynamica te maken: een smallere houding betekent minder frontaal oppervlak en dus minder luchtweerstand.
De regels van de Union Cycliste Internationale (UCI) leggen inmiddels ook grenzen vast. Zo geldt er een minimale buitenmaat van ongeveer 400 millimeter en een minimale afstand van 280 millimeter tussen de remgrepen. Veel profs rijden tegenwoordig dicht tegen die limieten aan, vaak met remgrepen die licht naar binnen staan gedraaid. Van der Poel valt in het peloton daardoor juist op met een breder stuur.
Een opvallend breed stuur
De Nederlander rijdt op een Canyon Aeroad met een cockpit die duidelijk breder is dan bij veel concurrenten. Volgens metingen van Cyclingnews gebruikt hij een stuur dat ongeveer 450 millimeter breed is (buitenmaat), en met remgrepen die nauwelijks naar binnen zijn gedraaid.
Ter vergelijking: zijn ploeggenoot en sprinter Jasper Philipsen rijdt met een stuur van ongeveer 410 millimeter. Het verschil is in het peloton goed zichtbaar en geeft Van der Poels fiets een bijna retro-uitstraling.
Aerodynamisch nadeel? Misschien
Theoretisch betekent een breder stuur een minder aerodynamische houding. Daardoor zou Van der Poel iets meer vermogen moeten leveren om dezelfde snelheid te halen als renners met een smallere cockpit. Maar volgens hem weegt dat nadeel niet op tegen het gevoel dat hij op de fiets heeft.
“Misschien verlies ik een klein beetje aerodynamisch voordeel, maar ik vind het fijn om kracht te hebben als ik uit het zadel kom,” zegt Van der Poel. “Ik ben gewend aan deze breedte, dus voorlopig blijf ik hiermee rijden.”
Resultaten spreken voor zich
Dat het geen grote handicap is, blijkt uit zijn prestaties. Tijdens Tirreno–Adriatico viel Van der Poel aan op een grindetappe en sprintte hij vervolgens naar de overwinning. Daarbij versloeg hij onder meer Isaac del Toro en Giulio Pellizzari.
Een paar dagen later won hij opnieuw een sprint, dit keer tegen zijn grote rivaal Wout van Aert en de aerodynamisch ingestelde tijdritspecialist Filippo Ganna. Met andere woorden: zelfs met een iets minder aerodynamische cockpit blijft Van der Poel een van de meest explosieve renners van het peloton.
Persoonlijke voorkeur boven trends
Waar veel profs voortdurend op zoek zijn naar marginal gains, laat Van der Poel zien dat persoonlijke voorkeur en gevoel op de fiets nog altijd zwaar wegen. Voor hem geldt een simpele regel: als iets al jaren werkt, waarom zou je het veranderen? En zolang hij blijft winnen, lijkt er weinig reden om zijn stuur smaller te maken.












