Strava

Waarom vergelijken op Strava je prestaties saboteert

Praat mee!

Getty Images

Getty Images

Vergelijken op Strava lijkt onschuldig, maar het is misschien wel het lastigste onderdeel van wielrennen waar niemand het over heeft. Je rondetijd zegt namelijk niets zodra je hem naast die van een ander legt: andere renner, andere fiets, andere week, andere hersteltijd, ander leven. Toch voelt je eigen rit ineens traag zodra je op Strava ziet dat een onbekende renner net iets sneller was. Wat is die val precies, en welke vergelijking telt dan wél?

>>> Wil je op de hoogte blijven van het belangrijkste fietsnieuws? Schrijf je dan hier in voor onze wekelijkse nieuwsbrief met maandagochtend om 09.00 de top 5 artikelen. Abonneren op Bicycling magazine of losse nummers kopen doe je in onze shop!

De Strava-val: waarom je eigen rit ineens traag voelt

Je rijdt een mooie tocht, voelt je goed, opent daarna Strava en ineens voelt die rit toch minder goed. Iemand anders reed hetzelfde segment sneller. Een onbekende renner, met een andere trainingsachtergrond, een lichtere fiets, een uitgeslapen week, of gewoon een leven zonder drukke baan en kinderen die 's nachts wakker worden.

Dat is precies waarom Strava je juist langzamer kan maken: het platform verandert trainingen ongemerkt in wedstrijdjes tegen mensen die je niet kent en van wie je de context niet kent. Je vergelijkt een momentopname van jouw dag met een momentopname van een compleet andere dag, van een compleet ander lichaam.

Je jaagt op een vreemde en de dag erna betaal je de rekening

Het probleem is niet dat je een keer harder rijdt. Het probleem is dat je harder gaat om iemand bij te houden die je niet eens kent, op een dag die eigenlijk rustig moest zijn. Je rijdt jezelf stuk op het moment dat je lichaam om herstel vroeg, en de dag erna betaal je daarvoor de rekening. Dat patroon, keer op keer een tandje erbij omdat een vreemd segmenttijdje op je scherm staat, is precies het mechanisme waardoor je jezelf elke rit een beetje saboteert. Niet de intensiteit is het probleem, maar het ontbreken van rust op de dagen dat rust nodig was.

Wat onderzoek zegt over vergelijken op Strava

Dit is niet alleen een gevoel. Onderzoekers van de Universiteit van Salzburg ondervroegen en interviewden meer dan honderd duursporters over hun Strava-gebruik. De conclusie van Laura Silja Grüning en Fabio Richlan: Strava kan motiveren en een gevoel van community geven, maar vormt ook een reëel risico voor renners die gevoelig zijn voor negatieve vergelijking en weinig zelfcompassie hebben, vooral vrouwen en renners die vooral fietsen voor erkenning (bekijk het onderzoek).

Een grotere studie onder ruim 1.400 gebruikers van fitnessapps, gepubliceerd in Frontiers in Public Health, laat een vergelijkbaar patroon zien: opwaartse vergelijking, kijken naar mensen die beter presteren dan jij, verhoogt het welzijn van renners met veel zelfcontrole, maar verlaagt het juist bij renners die daar minder goed in zijn (bekijk het onderzoek). Met andere woorden: hetzelfde Strava-segment kan de ene renner opjagen en de andere renner juist ondermijnen.

Ook fysiologisch is de vergelijking mank. Onderzoek in het European Journal of Applied Physiology toont dat één nacht slecht slapen al genoeg is om een rit zwaarder te laten aanvoelen, terwijl een nacht goed herstel dat effect grotendeels wegneemt (bekijk het onderzoek). Jouw hersteltijd van gisteren bepaalt dus mee hoe een rit vandaag aanvoelt en die informatie heeft de renner naast jou op Strava niet.

Dat sluit aan bij wat we vaker zien: sporters die na een zware toertocht weken nodig hebben om terug te keren naar hun oude niveau, simpelweg omdat het lichaam op celniveau nog aan het herstellen is. Waarom je na een grote toertocht wekenlang slechter presteert legt uit waarom dat een normale fysiologische reactie is, geen zwakte.

De enige vergelijking die wél telt: jij van vandaag tegen jij van drie maanden geleden

Wielrennen is voor de meeste renners geen wedstrijd tegen een vreemde op internet. Het is een lang project met jezelf. De vragen die er echt toe doen, zijn dan ook niet 'wie was sneller op dit segment', maar:

  • Ben je sterker dan drie maanden geleden?
  • Ga je langer door voordat je inzakt?
  • Herstel je sneller na een zware training?

Dat is progressie. De rest is ruis.

Om die vragen te beantwoorden, heb je geen leaderboard nodig, maar een vast ijkpunt. Regelmatig testen wat je FTP is is daarvoor een van de eenvoudigste methodes: een stijging van een paar procent per trainingsblok vertelt je meer over je eigen vooruitgang dan honderd Strava-segmenten bij elkaar, simpelweg omdat je jezelf onder dezelfde omstandigheden test.

Zo meet je jouw eigen progressie

  • Kies één vast rondje of testparcours en rijd dat elke vier tot zes weken op dezelfde manier.
  • Kijk naar vermogen en hartslag bij dezelfde inspanning, niet alleen naar snelheid, snelheid verandert met wind, temperatuur en parcours, je fysiologie een stuk minder.
  • Houd bij hoe lang je een bepaalde intensiteit volhoudt voordat je terugvalt, in plaats van alleen naar de eindtijd te kijken.
  • Noteer je hersteltijd: hoe snel zakt je hartslag na een inspanning, en hoe voel je je de dag erna.
  • Zet segmentmeldingen en automatische vergelijkingen op Strava desnoods uit als ze je meer stress dan plezier opleveren.

Wat betekent dit voor jou als recreatieve renner

Ook bij profs werkt het zo. Ploegen als UAE Team Emirates-XRG en Visma-Lease a Bike sturen hun renners niet op elkaars Strava-tijden, maar op individuele vermogenscurves, hartslagdata en herstelwaarden die per renner, en per dag, verschillen. Een Tadej Pogačar en een Jonas Vingegaard trainen niet op elkaars tijden, maar op hun eigen data, met hun eigen coach, aangepast aan hun eigen herstel.

Voor de gewone wielrenner geldt precies hetzelfde principe, alleen zonder ploegleider: rijd naar je eigen data, niet naar het wiel van een vreemde. Vergelijk je van vandaag met die van drie maanden geleden, houd je hersteldagen ook echt rustig, en laat dat ene onbekende segmenttijdje op Strava precies zijn wat het is, ruis uit iemand anders zijn leven, niet een oordeel over het jouwe.