Welke wattages moet je écht trappen op de Poggio? (bizarre cijfers)
PRO SHOTS / SIPA USA

De Poggio oogt bescheiden op papier, maar in de finale van Milaan-San Remo verandert die klim in een fysiologische stresstest van het hoogste niveau. Na bijna 300 kilometer koers ligt het tempo daar zó hoog dat alleen de absolute wereldtop nog kan volgen. Wie hier mee wil met de besten, moet niet alleen sterk zijn, maar ook nog fris genoeg om minutenlang ver boven zijn omslagpunt te rijden en daar bovenop ook nog eens te versnellen. De vraag is dus niet óf je hard moet trappen, maar hoe hard precies.
È davvero molto veloce, ora vado a fare il mio giro in bici e dopo mi butto sul divano davanti alla TV.
>>> Wil je op de hoogte blijven van het belangrijkste fietsnieuws? Schrijf je dan hier in voor onze wekelijkse nieuwsbrief met maandagochtend om 09.00 de top 5 artikelen.
Wat gebeurde er de laatste jaren?
In recente edities reden Tadej Pogacar, Mathieu van der Poel en Filippo Ganna de Poggio rond 5:40 tot 5:45.
Bij dat tempo horen de volgende waarden:
- ± 470 watt gemiddeld (≈ 7,3 W/kg) voor de absolute top
- Pieken van 530 watt+ (≈ 8,0 W/kg) in de eerste, steilere minuten
- Van der Poel zelfs richting 564 watt gemiddeld (≈ 7,5 W/kg) in zijn winnende rit
Dit zijn geen uitschieters. Dit ís het niveau.
Tadej Pogacar: constant boven de limiet
Pogacar rijdt de Poggio als een reeks aanvallen binnen een al extreem hoog tempo.
- ± 470 watt gemiddeld (7,3 W/kg)
- Meerdere acceleraties boven 500 watt
- Gewicht: ± 66 kg
Wat hem uniek maakt: hij rijdt niet alleen hard, hij verhoogt continu de druk door acceleraties te plaatsen. Elke versnelling dwingt anderen in het rood.
Mathieu van der Poel: hoger absoluut vermogen
Van der Poel laat zien dat de Poggio ook met brute power gewonnen kan worden.
- ± 560 watt gemiddeld (± 7,5 W/kg) in zijn winnende aanval
- Tijd: ± 5:40 (recordtempo na record dat in 2023 al bijna 30 jaar strand hield.
- Oude record: 5:46 (Laurent Jalabert & Maurizio Fondriest, 1995)
Hij lijkt soms net iets minder sterk bij een langere aanval van Pogacar, maar door de hoge snelheden lijkt een slipstream, dus in het wiel zitten, toch een factor te zijn. En de ogenschijnlijke mindere klimmersbenen wist hij te ontkrachten door net voor de top juist zelf een aanval te plaatsen.
Filippo Ganna: de uitzondering die blijft hangen
Ganna bewijst dat je ook zonder punch mee kunt doen, mits je motor groot genoeg is.
- Absoluut vermogen: richting 480 tot 500+ watt (inschatting op basis van vergelijkbare klimdata en zijn profiel)
- Relatief: iets lager in W/kg dan Pogacar en Van der Poel
- Strategie: hoog tempo rijden, geen explosies
Waar hij het lastig krijgt is bij de versnellingen. Maar door zijn constante vermogen komt hij vaak terug.
© PRO SHOTS / Zuma PressWat betekent dit concreet?
Wil je “mee” op de Poggio met de besten:
- Je moet minimaal ~7 W/kg gedurende 5 à 6 minuten kunnen rijden
- Inclusief pieken richting 8 W/kg
- En dat na 290 kilometer koers
Zoals menig amateurwielrenner hierop zou antwoorden:
È davvero molto veloce, ora vado a fare il mio giro in bici e dopo mi butto sul divano davanti alla TV.
Vertaling:
Dat is wel heel snel. Ik ga mijn rondje fietsen nu en daarna plof ik lekker op de bank, voor de tv.
Dat is wel heel snel. Ik ga mijn rondje fietsen nu en daarna plof ik lekker op de bank, voor de tv.
Wattages vrouwen op de Poggio (realistische benadering op basis van recente data)
Voor de eerste groep op de Poggio, met onder meer Lorena Wiebes, Marianne Vos en Noemi Rüegg, ligt het niveau naar alle waarschijnlijkheid rond:
- ± 5,5 tot 6,2 W/kg gedurende ~5 à 6 minuten
- Pieken richting 6,5 W/kg bij versnellingen
- In absolute termen vaak 300 tot 380 watt, afhankelijk van gewicht
Die bandbreedte is gebaseerd op:
- gedeelde Strava-files van top rensters in vergelijkbare finales
- klimdata uit koersen als Amstel Gold Race, Strade Bianche en Ardennenklassiekers
- bekende profielen van deze specifieke rensters
Belangrijk nuancepunt:
In 2025 werd de Poggio relatief gecontroleerd gereden, met pas laat een echte versnelling. Dat betekent dat de waarden waarschijnlijk aan de onderkant van die range lagen, zeker vergeleken met de mannen waar de klim volledig “all-out” wordt gereden.
Waar mannen de Poggio tegenwoordig boven de 7 W/kg rijden, ligt het niveau bij de vrouwen net daaronder. Maar het verschil is kleiner dan veel mensen denken.












