Wat recreanten kunnen leren van Tadej Pogacar (zonder 30 uur per week te trainen)

Update: 4 april 2026 om 10:00
Online Editor

© Getty Images

Wielerlessen van Tadej Pogacar voor elke recreant

Het klinkt bijna absurd: Tadej Pogacar, meervoudig winnaar van de Tour de France én van nagenoeg alle andere koersen die je maar kan bedenken, als inspiratiebron voor de recreant die gemiddeld twee tot vier uur per dag (of per week) op de fiets zit. En tóch kan het! Want de aanpak van de Sloveense veelvraat biedt waardevolle lessen voor eenieder die de wielersport liefheeft.

Overal waar ze starten, lijken ze te winnen. UAE Team Emirates XRG is als ploeg dé grote slokop van het WorldTour-peloton, met uiteraard niemand minder dan Pogacar als ultiem uithangbord en veelwinnaar. Of het nu grote rondes of juist monumenten zijn, niets lijkt de man uit Komenda - hij heeft zelfs al vier (!) van de vijf wielermonumenten bijgeschreven op zijn palmares - te veel. En ook als Pogacar niet aan het vertrek staat van eender welke koers, domineert UAE het schouwspel op twee wielen.

Maak je geen illusies!

Laten we vooropstellen: jij als recreant of fanatieke amateurwielrenner hebt geen team van trainers, voedingsdeskundigen, masseurs en mecaniciens om je heen. 30 uur per week trainen, het geschatte urengemiddelde van Pogacar, is voor de meesten onder ons natuurlijk ook onhaalbaar (de redenen laten zich gemakkelijk raden). Maar toch hoef je écht geen fulltime prof te zijn om te leren van Pogi.

Eerder deelden we al dat het kopiëren van Pogacars trainingsschema simpelweg geen zin heeft. Training bestaat immers nooit en te nimmer los van context. Profs slapen meer, eten exact wat nodig is en hoeven geen rekening te houden met kantooruren of jonge kinderen die ’s nachts wakker worden. Hun lichaam is bovendien jarenlang voorbereid op extreme belasting. Veel renners bouwen al sinds hun jeugd trainingsvolume op.

Daar komt nog bij dat genetica een rol speelt die niet te negeren valt. Zelfs binnen het profpeloton haalt niet iedereen het niveau van een grote rondewinnaar. Een trainingsschema verandert je fysiologie niet plotseling. Sterker nog: amateurs die proberen profvolumes te evenaren, lopen vaak juist tegen blessures of chronische vermoeidheid aan. Meer trainen betekent dus zeker niet automatisch beter worden!

Wat je als gewone sterveling zeker wél van Pogacar kan leren

Eén van de belangrijkste inzichten en kneepjes die we als gewone stervelingen wél van Pogacar kunnen leren is koersinzicht. Logischerwijs spat er dat bij Pogacar vanaf: hij weet precies wanneer hij moet reageren, wanneer hij moet wachten of wanneer hij simpelweg aan een van zijn vele solo's kan beginnen. Kortom, een knap staaltje energieverbruik. Maar hoe vertaalt dit zich naar de recreatieve fietser? Nou, bijvoorbeeld naar leren anticiperen in jouw eigen fietsgroep of -clubje (of natuurlijk tijdens een koers), door slimmer positie te kiezen (in waaiers) of bij klimmetjes het juiste tempo aan te houden.

Daarbij gaat het niet om maximale wattages, maar zogezegd om het efficiënt gebruiken van je energie. Zo kun je langer en sterker blijven rijden. Het ontwikkelen van dat gevoel voor timing en tactiek die daarbij komt kijken kan het verschil maken tussen een rit die je tot op de bodem leegzuigt of juist een (trainings)rit die je op sterke wijze uitrijdt.

Ook plannen is essentieel. Pogacar bouwt zijn seizoen natuurlijk zorgvuldig op, met duidelijke piekmomenten en voldoende herstelperiodes. Voor recreanten betekent dit dat je niet elke rit tot het uiterste hoeft te drijven (dit is een tip die we in andere contexten ook vaak meegeven!). Wissel rustige duurtrainingen dus echt gewoon af met intensieve blokken en geef jezelf tijd om te herstellen. Niet iedere rit hoeft harder, sneller en beter. Door je trainingen strategisch te spreiden, kun je sneller progressie boeken en voorkom je overbelasting en blessures.

Behoud plezier, want dat doet Pogacar ook

Voeding en herstel zijn net zo cruciaal. Pogacar eet en slaapt niet alleen om zijn prestaties te ondersteunen, maar om zijn lichaam daadwerkelijk te laten herstellen. Recreanten hebben dezelfde principes nodig, ook al zijn de volumes kleiner. Goede nachtrust, voldoende eiwitten en koolhydraten rond trainingen, en kleine herstelstrategieën zoals rustig uitrijden of mobiliteitsoefeningen maken een groot verschil voor energie en plezier op de fiets. Zéker voor de niet-profs.

En misschien wel het belangrijkste: plezier behouden. Pogacar is een liefhebber pur sang. Hij rijdt om te winnen, maar hij rijdt ook minstens zo sterk met talloos veel passie. Voor recreanten betekent dit dat trainingen leuk moeten blijven. Focus niet alleen op cijfers en gemiddelde snelheid, maar geniet ook met volle teugen van het landschap c.q. natuurschoon, de groepsrit an sich of gewoon het gevoel van ultieme vrijheid. Het plezier is immers toch de brandstof die je consequent laat trainen en die je motivatie op lange termijn behoudt.

Kortom, ook als niet-prof kun je ontzettend veel leren van iemand als Pogacar. Het gaat niet om het aantal uren of de wattages, maar om koersinzicht, slim plannen, aandacht voor herstel en voeding, en het vasthouden van plezier. Als je deze elementen bewust toepast, haal je het maximale uit elke rit, word je een efficiëntere en bewustere fietser en ervaar je hetzelfde gevoel van voldoening dat zelfs de top van het peloton kent.

Wielerlessen van Tadej Pogacar voor elke recreant