Koersen is simpel, maar simpel koersen blijft het moeilijkste wat er is

Update: 1 januari om 19:49

© Getty Images

Wielrennen is simpel, maar simpel wielrennen blijft het moeilijkste wat er is

Johan Cruijff zei ooit dat voetbal simpel is, maar dat het moeilijkste wat er is, simpel voetballen is. Die wijsheid gaat net zo goed op voor wielrennen. Niet de inspanning maakt het complex, maar alles eromheen. Publiek, druk, mislukkingen, verwachtingen en het verhaal dat een sporter met zich meedraagt.

Sport is meer dan wat er op het veld of op de weg gebeurt. Het leeft bij het publiek, het kantelt door vermoeidheid en het breekt mensen soms net zo hard af als het ze groot maakt. Hieronder volgt deel 2 van de drieluik:

  1. Het eerste deel ging over regels en het oprekken ervan.
  2. Dit tweede deel gaat over tactiek, timing en theater.
  3. Het derde deel zoomt in op de mensen, emoties en alles wat zich rondom het spel afspeelt.

Deel 2: over tactiek, timing en theater

Wie denkt dat voetbal en wielrennen vooral fysieke sporten zijn, mist de helft van het verhaal. Beide draaien minstens zo veel om inzicht, timing en het bespelen van de tegenstander. En soms ook om een klein beetje toneel.

Tactiek, ruimte en timing

Misschien wel de grootste overeenkomst. Beide sporten draaien om ruimte en timing. Wanneer ga je, wanneer wacht je, wie offert zich op. In voetbal zie je het in loopacties en passes. In wielrennen in demarrages en waaiers. Het verschil is dat voetbal na negentig minuten stopt en wielrennen soms pas na zes uur. Maar wie het spel leest, heeft meteen een streepje voor.

Overtredingen en duw en trekwerk

In voetbal zijn overtredingen onderdeel van het spel. Soms slim, soms lomp. In het peloton gebeurt hetzelfde. Duwen, een schoudertje, een elleboogje. Alleen heet het daar positioneren. Wielrenners kunnen leren van voetballers hoe je een overtreding verkoopt (aan het slachtoffer, de scheids en soms zelfs het publiek). Voetballers kunnen leren van wielrenners hoe je hem incasseert zonder meteen te gaan liggen.

Slidings en natte kasseien

Een sliding is spectaculair, risicovol en vaak op het randje. Wielrennen kent die momenten ook, maar dan met asfalt én zwaartekracht als tegenstander. Op natte kasseien waar elke steen anders ligt, in scherpe bochten waar ze met hun schouder 1cm langs het dranghek gaan, in afdalingen waar het zicht wegvalt achter een haarspeld, of in een sprint waarin een onmogelijke opening toch groot genoeg lijkt. Het publiek houdt de adem in, de renner gokt op zijn stuurvaardigheid en hoopt dat de fiets meewerkt. Achteraf zegt iedereen dat het prachtig was. Zolang het maar niet misging.

Schwalbes en Thomas Voeckler

De schwalbe is een kunstvorm in het voetbal. Vallend zonder geraakt te worden. In het wielrennen zie je dat gelukkig minder, al zijn er renners die het theatrale niet schuwen. Thomas Voeckler komt misschien nog het dichtst in de buurt. Niet omdat hij nep viel, maar door zijn expliciete manier van afzien. Altijd grimassend, altijd stervend, altijd nog net door. Geen schwalbe, maar wel toneelspel van wereldklasse.

Gettyimages© Getty Images

Wie goed kijkt ziet dat voetbal en wielrennen beide schaakspellen zijn op snelheid. Met spieren, met het hoofd en soms met een beetje theater.

Video