Waarom de Tour de Femmes spannender wordt dan de Tour de France

Update: 31 juli 2026 om 07:59
Praat mee!

Getty Images

Getty Images

Tadej Pogacar reed drie weken door Frankrijk zoals hij dat al jaren doet: alsof de rest voor de sfeer meedeed. Zondag 26 juli stond hij voor de vijfde keer in het geel op de Champs-Elysees, naast Anquetil, Merckx, Hinault en Indurain in de club van vijf. Remco Evenepoel werd tweede op 6.26, ploeggenoot Isaac del Toro derde op 9.42. Prachtig voor de geschiedenisboeken. Alleen: wie van spanning houdt, kan zijn of haar hart nogmaals ophalen. Morgen (Zaterdag 1 augustus) start in Lausanne de Tour de France Femmes. En er zijn goede redenen om te denken dat daar de echte thriller wordt gereden.

>>> Wil je op de hoogte blijven van het belangrijkste fietsnieuws? Schrijf je dan hier in voor onze wekelijkse nieuwsbrief met maandagochtend om 09.00 de top 5 artikelen.

Vier edities, vier winnaressen

Eerst de cijfers. De Tour van de mannen is de afgelopen zes jaar door precies twee renners gewonnen: Pogacar in 2021, 2024, 2025 en 2026, Jonas Vingegaard in 2022 en 2023. De Tour de France Femmes bestaat vier edities en telt vier verschillende winnaressen: Annemiek van Vleuten in 2022, Demi Vollering in 2023, Katarzyna Niewiadoma in 2024 en Pauline Ferrand-Prevot in 2025. Bij de vrouwen weet je vooraf simpelweg niet wie er wint. Bij de mannen gok je al zes jaar goed met twee namen, en eigenlijk met een.

De spannendste Tour ooit was een vrouwenkoers

Dan het sterkste argument. De kleinste marge waarmee ooit een Tour de France is beslist, mannen en vrouwen samen, stamt niet uit 1989, toen Greg LeMond Laurent Fignon met acht seconden versloeg. Het record staat sinds 2024 op naam van Niewiadoma, die Vollering na acht dagen koers vier seconden voorbleef. Vollering won de slotrit op Alpe d'Huez, verloor de Tour en moest boven op de berg wachten tot de klok het vonnis velde. Wie dat secondenspel live zag, weet: dit was sport op zijn wreedst en zijn mooist tegelijk. Ter vergelijking: het verschil tussen Pogacar en Evenepoel bedroeg dit jaar 6.26, en dat was al de kleinste marge in het klassement sinds jaren, mede doordat Vingegaard met een gebroken sleutelbeen uitviel.

Eerlijk is eerlijk

Garanties geeft dat niet. De editie van 2025 was geen thriller: Ferrand-Prevot sloeg toe op de Col de la Madeleine en won uiteindelijk met 3.42 op Vollering. Een prachtig verhaal, de eerste Franse Tourzege sinds 1985, maar de spanning was er voor het slotweekend al grotendeels uit. Ook vrouwenwielrennen kent dominantie, vraag maar aan iedereen die tegen Van Vleuten of het SD Worx van de topjaren moest koersen. Spanning is nooit een abonnement.

Waarom 2026 alles in zich heeft

Toch wijst veel erop dat de vijfde editie de meest open wordt tot nu toe. Vollering rijdt het seizoen van haar leven: ze won de Omloop Het Nieuwsblad, in april de Ronde van Vlaanderen met een solo van achttien kilometer en in juni de Giro d'Italia Women. Die Giro kantelde pas op de slotdag, toen ze Anna van der Breggen op de Colletta di Brondello uit het roze reed. Daarmee heeft ze alle drie de grote rondes op haar erelijst.

Titelverdedigster Ferrand-Prevot was vorig jaar bergop een klasse apart, maar had qua uitslagen een rustiger jaar: tweede in de Ronde van Vlaanderen, derde in Parijs-Roubaix en in de Vuelta borg ze haar klassementsambities op. Ze bereidde zich daarna op hoogte voor in Tignes, en haar ploeg bouwt de selectie volledig om haar heen, met Marianne Vos als wegkapitein.

Daarachter is het gedrang groot. Van der Breggen verloor dit jaar zowel in de Vuelta als in de Giro op de laatste dag de leiderstrui en is dus meer dan gemotiveerd. Vuelta-winnares Paula Blasi maakt haar Tourdebuut en heeft bij UAE Elisa Longo Borghini naast zich, wat een sterk blok geeft en een tactische vraag oplevert. Niewiadoma stond in elke editie op het podium. Thuisrijdster Marlen Reusser is regerend wereldkampioene tijdrijden en won in juni voor de derde keer de Ronde van Zwitserland. Tel daar Kim Le Court, Cedrine Kerbaol, Lotte Kopecky, Lorena Wiebes, Puck Pieterse en Vos bij op, en je hebt een startlijst waarmee geen enkele ploeg de koers kan controleren.

Bij Sporza klinkt hetzelfde geluid. In de Vlammen-podcast zegt oud-renster Marijn de Vries dat dit "van alle edities by far de spannendste" wordt, omdat er nog nooit zoveel kandidates voor het geel waren. Ze noemt Ferrand-Prevot, Vollering, Blasi, Longo Borghini, Van der Breggen, Reusser, Niewiadoma en Pieterse in een adem.

Een parcours zonder adempauze

Het parcours helpt mee. Negen dagen, geen overgangsweek: elke dag telt, en een slechte dag masseer je niet weg zoals in drie weken Tour. De ploegen bestaan bovendien uit zeven rensters in plaats van acht, wat controleren nog lastiger maakt. En de route is de langste en zwaarste tot nu toe: ruim 1.175 kilometer, volgens de ASO-cijfers met 18.795 hoogtemeters, een individuele tijdrit van 21 kilometer van Gevrey-Chambertin naar Dijon, voor het eerst een aankomst op de Mont Ventoux (via Bedoin, 15,7 kilometer aan 8,8 procent) en een slotrit van 99,2 kilometer rond Nice met vier keer de Col d'Eze, de laatste keer via de steilere variant van 6 kilometer aan 7,6 procent, waarna vijftien kilometer dalen naar de Promenade des Anglais volgt. Ook de openingsrit in Lausanne is geen sprintersdag: de finish ligt boven op een klim van 2,6 kilometer aan 4,5 procent.

Die tijdrit speelt Vollering in de kaart. Voor Ferrand-Prevot is het het grote vraagteken: ze noemde de chrono zelf haar uitdaging voor dit jaar en kondigde extra uren op de tijdritfiets aan. Ze won overigens tussen 2012 en 2014 drie Franse titels tegen de klok, dus het is geen onbekend terrein. De Ventoux lijkt dan weer op haar lijf geschreven, net als de slotrit: ze woont en traint in de regio Nice, zoals we ook in onze voorbeschouwing van de slotrit schreven. Zo houden parcours en favorieten elkaar in balans, en kan het klassement net als in 2024 tot op de laatste dag kantelen.

Het eerlijke antwoord

Wordt de Tour de France Femmes dus spannender dan de Tour de France? De mannen hebben drie weken, de mythes en de hoogste cols. Maar spanning laat zich niet organiseren, hooguit voorspellen. En die voorspelling was dit jaar niet zo moeilijk: al voor Parijs wist iedereen wie er in het geel zou staan. In Nice heeft niemand een idee. Zet zaterdag 1 augustus maar in je agenda, uitgerekend de Zwitserse nationale feestdag. Als de recente geschiedenis iets bewijst, is het dit: de kleinste verschillen en de grootste ontknopingen vind je tegenwoordig bij de vrouwen.

Video