Tips om deze 7 hachelijke situaties tijdens je groepsrit de baas te zijn

Verbeter je groepsrit-techniek met deze simpele tips. Breng ze meteen in praktijk tijdens je volgende rondje met je fietsvrienden.

maandag, 22 januari 2018, 14:44
Tips om deze 7 hachelijke situaties tijdens je groepsrit de baas te zijn

We kennen het allemaal: Of je fietsgroep nu uit volslagen onbekenden bestaat of het vaste zondagochtendcluppie is, er kan zomaar een spannend moment ontstaan als jij (of iemand anders in de groep) niet helemaal scherp is op de groepstechnieken.

Maar een blunder op de fiets hoeft niet gelijk je rit te verknallen. Wij spraken met Tara Parsons, een Amerikaanse coach en hoofd van de Century Road Club Association, en met Colby Pearce, eveneens coach en voormalig profrenner. Zij gaven hun expertise over hoe je de meest gevaarlijke momenten in een groep de baas kunt zijn.

1 / 7

Schouderduwen

Nee, dit gaat niet over voetbal. Als een andere fietser te dicht bij je komt, kan het zijn dat jullie schouders of ellebogen elkaar raken. Dit komt vaak voor als je twee-aan-twee in een grote groep rijdt, een wedstrijd in een peloton rijdt of als je naast iemand door een krappe bocht gaat.

Om te voorkomen dat een kleine hobbel in de weg je rit verpest, zorg je ervoor dat je ellebogen gebogen zijn en je ze iets naar binnen gericht houdt.
‘Eén van de meest voorkomende dingen die ik zie zijn fietsers die hun ellebogen gebruiken om hun ruimte te bewaken,’ zegt Parsons. ‘Als iemand anders die elleboog dan aanraakt, kan je voorwiel een slinger krijgen en je ten val komen.’
Als je schouders tegen die van iemand anders aankomen, leun er dan tegenaan.
‘Als je jouw schouder in die van de ander duwt, duw je tegelijk je stuur van de ander af. Zorg er wel voor dat je zwaartepunt boven je bottom bracket uitgelijnd blijft, zodat je rechtop blijft,’ voegt Pearce toe.

Zijn tip: Bereid je voor op zo’n scenario door het simpelweg eens te oefenen met je fietsmaatje. Ga op zoek naar een egaal en rustig stuk weg en begin door heel dicht naast elkaar te rijden. Maak vervolgens contact met de ellebogen, en leun met je schouders tegen elkaar en je stuur van je af. En kom daarna weer los van elkaar.
‘Als je het een paar keer hebt gedaan, is het tijdens een groepsrit ook niet zo spannend meer,’ zegt hij. Ga dus op pad en ga lekker schouderduwen.

arrow down
2 / 7

Kussende bandjes

Een belangrijke regel binnen groepsritten is dat je je banden bij jezelf houdt. Maar als je niet helemaal zeker op de fiets zit of te dicht achter iemand rijdt, kan het zijn dat jouw voorband het achterwiel van je voorganger raakt. Meestal gebeurt dit als je in het wiel wil zitten en jouw voorwiel iets naast dat achterwiel van je voorganger komt, waardoor de zijkant van de banden elkaar raken. De meest voorkomende boosdoener? Je voorganger die tijdens een klim op de pedalen gaat staan en zijn fiets daarmee naar achteren schiet.

Als je ziet dat de banden elkaar gaan raken, doe dan het tegenovergestelde van wat je denkt dat je moet doen.

‘Dit gaat echt tegen je intuïtie in, maar je moet tegen het wiel insturen en daarnaast je snelheid verminderen, zodat je voorganger van je weg fietst,’ zegt Parsons. Omdat het achterwiel het meeste gewicht draagt, is dat wiel stabieler. Dus degene voor je zal er weinig last van hebben. Sterker nog, misschien hebben ze het niet eens door! Maar omdat jouw voorwiel minder stabiel is, kun je best even tegen dat wiel ‘afzetten’ of ‘leunen’.

arrow down
3 / 7

Stoppen voor een lekke band

Lekke banden gebeuren nu eenmaal. Het hoort erbij. Gelukkig gebeurt dat vaak in een situatie waarbij je rustig kan stoppen – je rijdt door een kuil of door wat glas tijdens een rustig ritje. Maar het kan link worden als het je tijdens een groepsrit gebeurt.

Ten eerste, knijp niet keihard in je remmen, maar geef gelijk aan de rest van de groep aan dat je een lekke band hebt.

‘Het universele signaal voor een lekke band is door één hand op te steken en ‘lek’ te roepen,’ zegt Pearce.

Hij adviseert om het meeste van je lichaamsgewicht naar de volle band te bewegen en je snelheid te verminderen door je langzaam uit de groep te laten rollen en naar de kant kan sturen. ‘Het belangrijkste is dat je jouw fiets onder controle houdt, rechtop en rechtuit rollend,’ zegt hij. Een bocht doorsturen of leunen op je lekke band is geen goed idee.

Als je niet zeker genoeg bent om je handen van je stuur te halen (vooral als het je voorband is die lek is) of als je denkt dat je signaal niet door iedereen gezien wordt, roep dan in ieder geval keihard ‘Lek!’

“Dit is niet het moment om je zorgen te maken over de beleefdheidsvorm; excuses maken is makkelijker als iedereen zonder schade verder kan,” zegt Pearce. “De groep wil liever een keiharde uitroep horen, dan op de grond eindigen.”

De meest gemene – en daardoor gevaarlijkste – lekke band is de afloper, waarbij je band langzaam leeg loopt. Je hebt het niet door en opeens heb je minder controle. Let dus ook op elkaar en kijk of de banden van anderen in de groep nog voldoende druk hebben.

arrow down
4 / 7

Een probleem van een ander ontwijken

In een groep met goede fietsers (zoals het peloton), zal een mechanisch probleem van een renner lijken alsof Moses de zee in tweeën splitst. Het probleem wordt gecommuniceerd en de groep gaat geleidelijk om de desbetreffende renner heen, voordat ze weer bij elkaar aansluiten. Maar in een groepsrit op de openbare weg kan dit – in het slechtste geval – eindigen in een kettingbotsing met een paar auto’s erbij.

We kunnen natuurlijk niet voorspellen wat de situatie is, maar ongeacht wat je ook tegenkomt, het is jouw taak om uit te kijken naar waar de ruimte is.

‘Knijp niet meteen in je remmen, probeer voorwaarts te blijven bewegen als dit kan en zoek naar een opening om de groep veilig te houden,’ zegt Parsons.

Als je moet uitwijken naar een oneffen ondergrond, zoals zand of gras, blijf dan doortrappen om grip te blijven houden.

Het belangrijkste: ga niet staren.

‘Ik kom weleens tegen dat renners blijven staren naar het probleem en dan weet je zeker dat ze onderdeel worden van het probleem,’ zegt ze. ‘Je fiets volgt je blik, dus train jezelf door uit te kijken naar een open plek om te stoppen. Kijk niet naar datgene wat je niet wilt raken.’

arrow down
5 / 7

In het wiel van een onvoorspelbare fietser

Als je vaak in een groep fietst, weet je zeker dat je weleens iemand tegenkomt die de juiste groepstechnieken nog niet helemaal onder de knie heeft. Een onvoorspelbare renner kan slingeren, onduidelijk communiceren, moeite hebben met de juiste lijn houden, te voorzichtig zijn, te zelfverzekerd zijn – de scenario’s zijn oneindig.

Er is niet zo veel dat je dan kan doen, behalve diegene wat extra ruimte geven. ‘Ga niet superdicht in het wiel zitten,’ zegt Parsons. Geef ze een halve fietslengte aan ruimte, of ten minste een wiellengte.’ Dit geeft jou genoeg ruimte om te anticiperen op die onvoorspelbare acties van je voorganger.

Een andere optie: Verbeter je eigen groepstechnieken en wordt daarmee een voorspelbare fietser en voorbeeld voor anderen. ‘Ontspan je bovenlichaam, buig je ellebogen licht zodat beweging uit je romp niet direct doorgegeven worden aan je voorwiel, blijf een regelmatige cadans aanhouden en oefen met het heel zacht gebruiken van je remmen om je snelheid te reguleren,’ zegt Parsons.

arrow down
6 / 7

Het tempo opdrijven

Een jojo was in de jaren 90 misschien cool, maar jojo-en op de fiets is geen aanrader. Als je kop-over-kop draait met je groep, en de voorste van kop af gaat, weten de fietsers erachter dat ze harder hun best moeten gaan doen. Ze willen de groep niet teleurstellen, dus ze doen extra hun best en daarmee gaat het tempo de hoogte in. Als het tempo van de groep stijgt, rekt de groep uit en ontstaat er een jojo-effect, waarbij het moeilijk is om iedereen goed te laten meedraaien.  Niet altijd even leuk. Vooral niet voor de slechtste van die dag.

‘Als je meedraait in zo’n groep, focus je dan op je cadans en niet op je vermogen, hartslag of snelheid,’ zegt Pearce. ‘Als je met je neus in de wind komt, zal je sowieso meer vermogen moeten leveren. Maar vermogen en je gevoel gaan niet goed samen; je kan het gevoel hebben dat je niet hard genoeg gaat.’

Wanneer er maar één renner in de groep moeite heeft om het tempo te handhaven, vertel dat dan gewoon. Ze hebben het misschien niet eens door. Als ze daarna nog steeds doorgaan met het tempo opdrijven, kan je misschien beter zeggen dat ze maar lekker alleen moeten gaan fietsen. (Of je moet zelf nog even bij trainen.)

‘Die fietser die meegaat met een groepsrit en vervolgens iedereen op de pijnbank legt, moet maar lekker in zijn eentje gaan fietsen,’ zegt Pearce. ‘Als iedereen wil dat de groep zo snel als mogelijk gaat in zijn geheel, is communicatie het belangrijkste. Zeker als de groep uit mensen bestaat met verschillende niveau’s en ervaring.’

arrow down
7 / 7

Onverwachte obstakels ontwijken

Verwacht tijdens een groepsrit altijd dat wat je niet verwacht. Op elk moment kan iemand een bidon laten vallen – of erger, zijn telefoon – een gat in het wegdek verschijnt uit het niets, of er ligt een geplette egel op de weg. Het kan allemaal.

‘Het beste wat je kan doen is het object een beetje ruimte geven, wijs ernaar, en roep naar anderen wat ze tegen zullen komen, zodat je zoveel mogelijk medefietsers op de hoogte stelt,’ zegt Pearce. Als je vooraan fietst, dan is dit jouw taak. Als je in het midden fietst, is het je taak om de boodschap door te geven. ‘Het is net als dat spelletje van vroeger, waarbij je een zinnetje in iemands oor fluisterde,’ zegt hij.

Een ander trucje wat je jezelf kan aanleren: leer hoe je over iets heen kan springen. Net als Peter Sagan.

Het is niet de beste oplossing tijdens een groepsrit, maar het is wel een vaardigheid die je maar wat graag in je repertoire wilt hebben als de nood aan de man is,’ zegt Pearson. Ze leert fietsers de juiste manier om over iets heen te springen (niet gewoon je fiets omhoog trekken met je benen en het vervolgens weer op de weg kwakken). Ga op zoek naar een aantal objecten die zonder gevaar zijn (denk aan een kussen) en ga oefenen op een leeg parkeerterrein. “Hoe meer handige skills je hebt, hoe groter de kans dat je in veel situaties op je fiets blijft zitten,’ zo voegt Pearce toe.

Tekst: Molly Ritterbeck
Vertaling: Sander Jansen
Foto: ProCycleShots

arrow down